Inleiding
In oktober 2024 waren we een week op Kreta geweest, en dat is zo goed bevallen dat we ook dit jaar een bezoek hebben gebracht aan Griekenland, deze keer zochten we Rhodos uit. Ook hier weer met een appartement en een huurauto zodat we het eiland konden verkennen. En ook Rhodos is ons goed bevallen, lekker weer, mooie dingen om te zien, en heel erg relaxed. Goed eten en drinken houden we ook van, en ook dat is er te vinden. De gastvrijheid en vriendelijkheid is ook hier weer kenmerkend voor de Griekse mensen en horeca. Prima weekje dus.
Dinsdag 7 oktober vanaf Auto Union naar appartement 10 kilometer
We gingen er weer eens vandoor, deze keer een weekje naar Rhodos voor wat lekkere zon, eten en drinken en natuurlijk mooie dingen. We hadden weer een plekje gereserveerd in de P3 garage op Schiphol, maar waren daar zelfs na het laden bij Van de Valk te vroeg. We hebben dus maar even op een soort parkeerplekje buiten de garage gewacht tot het 13:00 uur zou worden. Maar daar was een van de medewerkers van de garage het niet mee eens, en die kwam naar ons toe om ons te zeggen dat we daar niet mochten staan. Toen we vertelden dat we te vroeg waren vertelde hij dat we heen en terug altijd een speling van een half uur hadden. Dus reden we de garage in.

Het eerste gedeelte van het gebouw was afgesloten, dus reden we door naar het tweede gedeelte. Een plekje vinden viel niet mee, we hebben eerst 25 minuten rondgereden, maar daar konden we geen plekje vinden. Toen we maar weer terug naar de ingang reden zag ik diezelfde medewerker weer en vertelde hem van ons parkeerprobleempje. Hij haalde een hekje weg en zei dat we daardoor naar het eerste gedeelte konden rijden. Daar hadden we al heel snel een plekje gevonden, al op de tweede verdieping. Dus de spullen uit de auto gehaald en naar de bushalte gelopen, daar stond de transfer bus naar de vertrekhal al te wachten, dus dat liep voorspoedig. Bij de drop-off hebben we de grote rugzak van Piet ingecheckt, ook dat ging goed. Bij de security was het wel wat druk, maar niet onoverkomelijk, we hadden tenslotte tijd genoeg. En dus ook tijd genoeg voor koffie met een tosti en een chocolade croissantje, het werd intussen wel weer etenstijd, en ervaring leert dat eten kopen in het vliegtuig geen feest is. Na de koffie gingen we al snel naar de gate, hangen moet je overal, dus dan maar beter zo dicht mogelijk bij de plek waar je toch naartoe moet. We vlogen met Global Crossing Airlines, een partner van TUI in drukke tijden. Helaas was de vlucht weer vertraagd, het zal eens niet zo zijn. Zelfs toen we al een half uur in het vliegtuig zaten gingen we nog niet op weg, het werd dus een vertraging van ruim een uur. Dat gaf wel weer wat stress, op Rhodos zou de transfer voor onze huurauto klaarstaan, en hoe zou dat nou weer gaan. Eerst maar zorgen dat we op Rhodos zelf aankwamen, ik had tenslotte het noodnummer van SunnyCars al in mijn telefoon gezet. In geval van vertraging moest ik die bellen, dus dan zou het wel goedkomen. De vlucht op zich was wel rustig, maar voor mij hoeft Global Crossing Airlines niet meer. Ik heb zelden een vliegtuig crew zo inefficiënt gezien. Ze hebben eerst een uur gewacht voordat ze met eten en drinken kwamen, en dat deden ze zo dat ze er zeker twee uur over gedaan hebben om iedereen te voorzien van het gewenste (en betaalde) hapje of drankje. Toen we landen, en nog voor dat we stilstonden heb ik mijn telefoon weer aangezet en SunnyCars gebeld. Daar hadden we op dat moment ook niet veel aan, behalve dat ze het telefoonnummer van AutoUnion doorgaf, maar ook dat had ik al in mijn telefoon staan. Toen ik AutoUnion belde zeiden ze me dat het allemaal wel goed zou komen. Na het ophalen van de grote rugzak, (duurde even omdat we weer als eerste waren ingecheckt) gingen we naar buiten, maar daar zag ik de man van AutoUnion niet staan, dus maar weer bellen. Toen ik hem nog aan de lijn had, zag ik hem ook staan en stelde hij me gerust: ze wisten dat we vertraagd waren en stonden netjes te wachten. In een busje gingen we met nog twee stellen naar het verhuurbedrijf zeven kilometer verderop. Daar was alles redelijk snel geregeld, we kregen een Fiat Panda mee om op het eiland mee rond te toeren. Samen met de verhuurder ben ik rond de auto gelopen voor de aanwezige schades, hij noteerde ze, en ik nam er wat foto’s van. Maar het zou toch wel goedkomen, bij SunnyCars ben je rondom verzekerd. Helaas regende het een klein beetje, maar de dag was toch al om, dus daar hadden we niet veel last van. Met Kaarten navigatie waren we zo op de plaats van bestemming, met een kleine omweg omdat de navigatie niet doorhad dat je met een auto niet over een voetgangersbrug mag.

Toen we bij het appartement aankwamen stonden de eigenaar en (naar wat later bleek) zijn vader al op ons te wachten, een fijne ontvangst. De eigenaar legde ons van alles uit, over wat er nog open was voor wat drinken, en ook over het ontbijt. Dat kon je via WhatsApp bestellen en werd dan in een mandje in het appartement gebracht op de tijd die je wilde. Goed geregeld. Maar eerst maar eens op pad voor wat drinken, en misschien iets kleins te eten. We liepen naar de straat waar alle restaurants en kroegen zijn, en daar was inderdaad nogal wat open. We kwamen terecht bij Bliss Cocktail & Sisha Bar. Daar zaten ook nog wat andere mensen, dus dat is altijd wel fijn. We bestelden maar gauw een grote bier, want dorst hadden we intussen wel gekregen. Bij het tweede biertje bestelden we ook een pinsa (een soort Turkse pizza) met salami, iets hartigs zou er ook wel ingaan. Die pinsa hebben we zoals gewoonlijk weer (bijna) eerlijk gedeeld. En toen was het wel klaar, het was intussen 01:30 uur, dus bedtijd. We hebben nog even via WhatsApp ontbijt besteld voor half tien, we hadden natuurlijk nog geen boodschappen in huis voor de ontbijtjes.
Woensdag 8 oktober Eptá Pigés (de Zeven Bronnen) 40 kilometer
De wekker liep om kwart voor negen af, het was de vorige avond wel laat geworden, en er zat ook al een lange dag voordat we er waren. Stipt om half tien kwam het ontbijt. Dat was helemaal prima,. We konden het lekker op ons eigen balkon opeten, maar het was wel teveel. We hebben dus de rest van het brood gesmeerd voor de lunch en ook de cake meegenomen. Het is natuurlijk zonde om het weg te gooien, en dan vervolgens ergens anders een broodje te moeten kopen. Omdat we de volgende dag een excursie hadden geboekt, zijn we eerst maar eens gaan kijken waar we opgepikt zouden. We hadden het pleintje en de bushalte al snel gevonden, dus we konden met een gerust hart het programma van de dag gaan doen.

Toen we terug gingen naar ons appartement om de auto op te halen zagen wel iets bijzonders: een automaat waar je vapes met allerlei smaakjes, en ook cannabis uit kon halen. Bijzonder, bij ons in Nederland is dat spul allemaal verboden. Later die week zagen we ook een winkel waar je dat allemaal kon kopen, en ook snus. Kennelijk zijn ze hier niet zo streng voor de jeugd, in ieder geval zorgen ze er niet echt voor dat ze vanwege de risico’s voor de gezondheid er niet aan kunnen komen. ’s-Lands wijs, ’s-lands eer zullen we maar zeggen. We zijn met onze Panda naar de Zeven bronnen gereden, één van de aanbevolen “attracties” van Rhodos. Daar aangekomen zijn we eerst op zoek gegaan naar de Zeven Bronnen. Het was wel zoeken welke kant je op moest, en in eerste instantie dachten we dat we een andere kant op moesten omdat er een soort verboden toegang bordje stond.

Toen we uiteindelijk na klimmen en klauteren tot de conclusie kwamen dat dit toch niet een pad was dat voor toeristen op slippertjes en sneakers, zijn we overgestoken om op een meer redelijk pad te kunnen lopen. Daar liepen ook meer mensen, ook dus op slippertjes. Toen we bovenaan de heuvel kwamen hadden we nog steeds de bronnen niet gevonden, en dat was niet helemaal gek: later hoorden we dat ze helemaal waren opgedroogd, een groep Italianen had ze ook al niet gevonden. Bovenop de heuvel hebben we de rest van ons ontbijt opgegeten, dan zat er tenminste iets in. Daarna zijn we maar weer naar beneden gelopen, deze keer niet het pad wat we omhoog hadden gelopen, maar de kant op waar de groep Italianen ook naartoe gingen. Uiteindelijk bleek dat een veel kortere weg te zijn, maar ach…. Dan hadden we onze oefening voor die dag ook weer gehad. De groep had ons ook al gevraagd of wij de tunnel hadden gezien, en dat was inderdaad het geval, onderweg naar boven waren wij die al tegen gekomen. We vertelden hen dus waar ze ongeveer moesten zijn. Toen wij daar aankwamen stonden zij nog te dubben of ze er in zouden gaan, wij deden dat in ieder geval. Het was een smalle tunnel waarin volop water stond, en die pikkedonker was. Gelukkig wisten we dat en daarom hadden we ook onze Teva’s aan en de zaklamp meegenomen. Na de tunnel zijn we naar het stuwmeer en de waterval gelopen, maar ook daar was veel te weinig water om het een stuwmeer te laten zijn, laat staan dat er een waterval is. Het is erg droog in deze tijd van het jaar op Rhodos, maar misschien is het altijd wel zo droog, we zullen er wel nooit achter komen.

En toen werd het wel tijd voor wat drinken, gelukkig weten ze op Rhodos ook wat bij een toeristische plek hoort: een restaurant, of op zijn minst een gelegenheid waar je wat kunt drinken. Dat eerste was er, en daar hebben we wat drinken genomen. De ober vond het maar een beetje raar dat de grote fles bier voor mij was, en de cola voor Piet. Toch snapte hij het toen ik vertelde dat Piet de Bob was. Onder het drankje hebben we de plannen voor de rest van de dag bekeken. We gingen op zoek naar de kerk van Agios Nektarinos, bij het bijbehorende klooster, en die hebben we natuurlijk ook gevonden. Helaas was deze nog niet open, dus hebben we eerst een kopje cappuccino op het terras van de plaatselijke taveerne gedronken. Ik vond het een beetje jammer dat we niet eerder wisten dat er zo’n leuke taverne was, het was daar gezelliger dan bij de Zeven Bronnen. Toen de kerk open was zijn we daar natuurlijk naar binnen gegaan, het was jammer dat er ook meteen een grote groep met gids binnenkwam, dus dat we niet heel rustig konden kijken. Je mocht er geen foto’s maken, maar dat deden we heel veel mensen. Ook onder het zicht van de gids, dus maakten wij ook maar wat foto’s, natuurlijk zonder flits want je wilt niet echt de muurschilderingen beschadigen. Na het bezoek aan de kerk zijn we doorgereden naar Archipoli, het imkerdorp van de omgeving. Maar daar was helaas niets te zien en we zijn dan ook maar weer snel omgekeerd om naar huis te gaan. Onderweg hebben we bij een grote supermarkt inkopen gedaan voor onze ontbijtjes en voor einde dag drankje en chippie op het balkon. Bij aankomst bij ons appartement hebben we een koud biertje gehaald bij het supermarktje dat bij het appartementencomplex hoort en hebben we dat vergezeld van een zak chips heerlijk op ons balkon opgedronken. Na een poosje op het balkon gezeten te hebben werd het tijd om echt te gaan eten, ik had Yamas Mario uitgezocht omdat ze daar lekkere zeevruchten en vis zouden serveren. Maar helaas waren die gesloten. Onderweg hadden we ook een andere leuke tent gezien: Meze Meze. Een prima restaurant, met lekkere gerechten om te delen en vriendelijk personeel. We hebben een prima avond gehad, met heerlijk gegrilde octopus, garnalen saganaki en natuurlijk pita met tzatziki. Twee karafjes wijn erbij, en het was weer helemaal top. Na het eten zijn we naar huis gegaan, hebben gedoucht en zijn we meteen naar bed gegaan, het was mooi geweest voor zo’n eerste volle dag op Rhodos. Bovendien zou de wekker de volgende dag vroeg aflopen omdat we een excursie hadden geboekt naar Symí, een eilandje vlakbij Rhodos met een mooi klooster en een leuk stadje met gekleurde huizen.
Donderdag 9 oktober excursie naar Symí
De wekker liep om zes uur af, omdat we de dag ervoor al boodschappen hadden gedaan voor het ontbijt hebben we dat maar snel opgegeten. Nog even zonder eitjes, maar met alleen een broodje en een bakje thee. Na het ontbijt zijn we naar de bushalte in het centrum gelopen, daar zouden we worden opgehaald voor onze excursie naar het eiland Symí. Het busje was mooi op tijd, wij waren de eersten die instapten. Het busje was ook lekker luxe, dus we gingen goed onderweg. We reden eerst nog even langs andere hotels om nog twaalf meer mensen op te halen. In de haven van Rhodos stad stond de vertegenwoordigster van Manos Going al op ons te wachten. We kregen onze vouchers, de naam van de boot waarmee we naar het eiland zouden varen, dat was de Nicolaos, en de richting aangewezen waar we die boot zouden kunnen vinden. Omdat we vroeg waren konden we kiezen waar we wilden zitten: binnen of buiten en over verschillende dekken. De hostess van Manos Going had ons geadviseerd om binnen te gaan zitten op de heen- en terugweg, omdat het best wel koud kon waaien rond die tijdstippen. Tussen het klooster en Symí stad zou het dan wel weer lekker zijn om buiten te zitten. Het was inderdaad wel fris buiten, maar toen we eenmaal binnen zaten bleek het daar net zo koud (of misschien nog wel kouder) te zijn door de airco. Na anderhalf uur varen kwamen we aan bij onze eerste stop van de dag: het heilige klooster van Aartsengel Michael Panormitis.

Het klooster was geheel gewijd aan de aartsengel, die kennelijk erg belangrijk was geweest. Vooral de kerk was indrukwekkend, en we hadden het geluk dat er een aantal groepen op onze en andere boten zaten die eerst bij de gids moesten verzamelen. Daarom konden wij op ons gemak rondkijken in de kerk en alle mooie muurschilderingen, en natuurlijk ook het schilderij van de aartsengel zelf rustig bekijken. Toen de binnenplaats van het klooster werd overspoelt door de groepen hebben wij een beetje rondgelopen en de twee kleine museumpjes bezocht. Ik had het kaartje van het eerste museumpje bewaard, en daar konden we dan het tweede museum ook mee in. Toen wij rond aan het lopen waren zagen we hoe druk het was geworden in de kerk, fijn dat we daar al eerder in geweest waren, anders hadden we weinig gezien. We mochten geen foto’s in de kerk maken, maar hebben dat toch ook maar wel gedaan omdat veel mensen dat deden. Die foto’s hebben we gemaakt toen we bijna terug naar de boot gingen, toen was de kerk weer redelijk leeg. We gingen op tijd naar de boot terug om een mooi plekje te zoeken. Na drie kwartier varen waren we aan de andere kant van het eiland om het stadje te gaan bezoeken.

Toen we van de boot afstapten kwamen we langs het oorlogsmonument, het is een belangrijke plek die de bevrijding van het eiland herdenkt. Daarna hebben we heerlijk rond gewandeld, maar we begonnen met een biertje en tzatziki met brood, er moet tenslotte wel wat eten en drinken in. We vonden een mooi plekje op het terras van de Evoi Evan koffie bar en restaurant. Na de verfrissing zijn we verder gaan wandelen, we hebben zomaar wat rondgewandeld, niet op zoek naar iets speciaals. Het stadje was wel leuk, maar er was niet heel veel te beleven behalve winkeltjes en terrasjes. Het eiland staat bekend om zijn sponzen, maar die worden daar al een hele poos niet meer uit de zee opgedoken. Alles wat er te vinden is komt uit Azië. Tijdens het wandelen kwamen we natuurlijk iets verder weg van de winkeltjes, maar ook daar was niet veel te zien of te bevelen. We kwamen langs de Holy Metropolis of Symi, een Oosters-orthodoxe kerk, maar die was helaas gesloten. De priester die eruit kwam hebben we even gezien, maar verder was er niets te zien.

Toen we wat hadden rond gelopen had ik zin in een ijsje. Ik nam een mango schepijsje, Piet sloeg even over, die is niet zo van het schepijs in het buitenland. Toen ik wilde betalen met een briefje van twintig euro vroeg de verkoper of ik niet kon pinnen omdat hij geen wisselgeld had. Ik heb daar dus € 2,50 afgerekend met mijn creditcard. Dat was overigens de eerste en laatste keer dat ik met een pas had afgerekend tijdens de hele vakantie op Rhodos, behalve op de heen- en terugvlucht, dat kon niet anders. Met het ijsje in de hand zijn we ook nog even aan de andere kant van de baai naar boven gelopen, maar halverwege was het wel mooi geweest en gingen we weer naar beneden. Aan de kant van de aanlegplaats van onze boot zijn we ook nog even naar de klokkentoren gelopen, en daar naar boven omdat daar de kerk van Evangelimos, een van de mooiste plekken op Symí volgens de boekjes. Maar ook die was helaas niet open, we konden wel door de poortjes om rond de kerk te lopen. Ook op deze poortjes stond dat je ze achter je rug dicht moest doen omdat er anders allemaal dieren het terrein op zouden kunnen. Dat soort bordjes op poortjes bij gebouwen hebben we vaker gezien tijdens onze week op Rhodos. We konden wel genieten van het uitzicht over de baai, maar dat was het ook wel. Toen we een beetje klaar waren met rondslenteren, maar de boot nog niet open was, zijn we op een terrasje vlakbij de boot gaan zitten.

Daar nam Piet een biertje, maar daar had ik geen zin in. Ik zag bij een andere gast een Aperol Spritz, dus die liet ik ook maar een mijn kant opkomen. Om half vier zaten we weer op de boot, op een lekker plekje. De boot ging om vier uur weer terug naar Rhodos, en zou er nog wel een uurtje over doen. We hebben allebei een beetje zitten doezelen, en vlak voor de aankomst heb ik nog een bakje koffie gehaald. En toen zag ik dat het bij de bar binnen een stuk beter was geweest die ochtend. Er stonden daar tafeltjes, stoeltjes en bankjes, en je kon er ook gewoon wat drinken. Daar zou het een stuk aangenamer zijn geweest, maar toe maar, we hebben het gered. Toen we terug waren in de haven van Rhodos stad stond de dame van Manos Going weer op ons te wachten om ons de plek van ons busje te wijzen, het was dus allemaal goed geregeld, dat hebben we op Kreta wel anders meegemaakt). Thuis gekomen hebben we niet heel veel meer gedaan. Daarna zijn we weer naar het centrum gelopen en hebben we bij Taverna Acropolis gegeten. Vooraf namen we ook weer garnalen saganaki om te delen. Die waren ook lekker, maar wel heel anders dan de vorige dag. De rest van het eten was ook helemaal prima, maar ze hadden wel grote schotels, en wij zijn niet van die grote eters, een beetje zonde. Na het eten zijn we terug naar huis gelopen, Piet ging voetbal kijken en ik deed iets met steekwoorden en puzzeltjes.
Vrijdag 10 oktober Lindos 76 kilometer
We zouden naar Lindos gaan, maar omdat het eiland niet zo groot is namen we de tijd. Ik heb voor het eerst verse broodjes gehaald bij het supermarktje van het appartement. Lekker vers, en twee grote broodjes voor € 1 is ook niet onoverkomelijk. Eitje gekookt, sinaasappelsap en thee erbij en het was weer een prima ontbijtje voor een volle dag. Aangekomen in Lindos namen we de eerste beste parkeerplaats, we wisten al dat we daar overal € 7 moesten betalen voor een dag parkeren, dus dan maar daar waar plek is. We moesten onze sleutel afgeven, dan zette de parkeerbeheerder de auto voor ons weg, valett parking dus. Toen onderweg naar Lindos centrum, dat was al een beetje file lopen langs de weg, het leek wel of het druk was. Maar ook dat wisten we, de Akropolis van Lindos is één van de meest bezochte bezienswaardigheden van Rhodos, dus daar alleen lopen zou wel niet lukken. Omdat het toch al druk was hebben we eerst maar een lekkere cappuccino gedronken, met een appeltaartje samen gedeeld. Na de koffie (weer) in de file gelopen, nu naar de Akropolis. Onderweg zagen we het kleine kerkje van de Heilige Maagd (Holy Virgin). Toen we daar naar binnen gingen schrokken we een beetje van de prijs, ze vroegen € 5, en het was heel erg klein. Dus liepen we door naar boven.

Aangekomen in de rij bij de kassa riep een man steeds dat de toeristen door moesten lopen omdat er twee kassa’s waren, de tweede was bijna niet te zien door de vele mensen die voor de eerste kassa stonden. Toen we bij de kassa waren bleken we voor half geld naar binnen te kunnen, ouder dan 65 zijn heeft toch ook zo z’n voordelen in Griekenland. We moesten wel onze paspoorten laten zien, maar daar hadden we natuurlijk al op gerekend. Ook bij de paspoortencontrole moesten de paspoorten weer tevoorschijn gehaald worden, maar dat is niet erg. Voor twee keer € 10 korting kunnen we wel een keer onderin de rugzak graaien. De Akropolis van Lindos is zeker wel de moeite waard, een prachtige site. Er is al heel wat gerestaureerd, en er wordt nog steeds aan gewerkt. Je krijgt er een prima overzicht van hoe het in die tijd was voor de rijkeren onder de Grieken en hoe zij hun goden vereerden. Er waren dan ook verschillende tempels en bijvoorbeeld sokkels met inscripties waar vroeger beelden op hadden gestaan van die goden. We hebben er een aardige tijd op doorgebracht. Toen we terug zijn gelopen liepen we wat door de straatjes waar alleen maar souvenirs winkeltjes en restaurants zijn. Tijdens dat struinen door de straatjes kwamen we per ongeluk ook nog uit bij een oud amfitheater. Dat was wel achter een laag hek, maar er stond ook een plattegrond bij, dus je kon zien wat het was geweest, en ook wat er op de heuvel daarboven was geweest aan tribunes. Na wat zoeken kwamen we toch weer bij het kerkje van de Heilige Maagd uit.

Eigenlijk wilde ik wel naar binnen, en toen ik vroeg of er een ander tarief waas voor pensionados bleek dat zo te zijn. Dus weer voor half geld naar binnen, jammer dat ze dat dan niet gewoon laten zien bij de kassa en dat je er dus zelf om moet vragen. In het kerkje mochten we geen foto’s maken, maar zoals overal hier doet iedereen dat toch. Ook weer de leden van een groep die met een gids op pad waren. En als die er niets van zegt voel ik me ook niet echt geremd om een paar foto’s te maken, ook al staat er een bord dat het niet mag. Een toerist wees ons op het verbod, maar ik wees maar terug naar de gids die het ook allemaal maar toeliet. Bij het kerkje was ook een klein museum, vooral met kleding en attributen van priesters. Na al dat bezichtigen zijn we maar een biertje gaan doen op het terras van de Rooftopbar, (bijna) natuurlijk vergezeld van een portie tzatziki. En dat was het wel voor Lindos, dus gingen we op weg naar de parkeerplaats om onze Panda weer op te halen. Die stond achter een andere auto, dus de parkeerbeheerder haalde die even weg zodat wij ook weg konden. Na het afrekenen van de € 7 waren we weer op weg. We hadden het plan om het klooster van Tsambíka te bezoeken en hadden dat natuurlijk ook in onze navigatie ingegeven. Onderweg had Piet al het idee dat we naar de verkeerde plek reden, hij had de poort van het klooster toch echt langs de grote weg van Faliraki naar Lindos gezien. Maar we volgden toch de route, en dat was ook goed. Want het klooster heeft een klein kapelletje op een heuvel, het kapelletje van de Heilige Maria. We zetten onze auto op een parkeerplaats onder aan de heuvel, en toen moesten we nog een stukje over de weg lopen. Aan het einde van de weg (die we ook met de auto hadden kunnen doen, maar hij was wel erg smal en we zijn niet te bang om te lopen) kwamen we bij de trap.

Daar was een kleine kapel voor Saint Haralambos, ook leuk om te zien. Die trap was 330 treden, een flinke klim dus. Rustig aan, dan breekt het lijntje niet. Het is een mooie kapel, met daarin de verering van de Maagd Maria, die voor vruchtbaarheid zou zorgen. Er waren dan ook veel babypopjes en blikken plaatjes met kinderwensen bij haar schilderij gelegd en gehangen. Na het bezoek aan de kapel zijn we weer naar beneden gelopen, we kwamen ook nog wel wat mensen tegen die naar boven liepen, ook een Nederlands stel. Toen Piet zei dat er nog een trap van 330 treden aan kwam wilde de vrouw van het stel eigenlijk omkeren, maar toen ik zei dat het allemaal wel meeviel en dat rustig aan ook kon ging ze toch maar naar boven. Op de parkeerplaats terug zag ik een klein huisje, ik dacht (en hoopte) dat het een toiletblokje zou zijn, maar helaas.

Ook dit was een klein en eenvoudige kapelletje, ik heb niet kunnen vinden voor wie dat was. Een ander Nederlands stel was er ook, die kwamen er vaker. Onderweg naar huis zouden we nog naar het klooster gaan, maar het was van daaruit links van de drukke weg, en Piet wist niet of hij over kon steken. En dat kon ook niet, behalve dat het te druk was, was het ook verboden, er was een dikke ononderbroken streep op de weg gezet. Maar aan de goede kant van de weg was wel weer de grote supermarkt, dus daar zijn we ook maar even naar binnen gegaan voor wat aanvullende boodschappen, een mens moet tenslotte goed eten en vooral drinken. Dus namen we vleeswaren en fruit mee, drinken hadden we nog genoeg. Thuis hebben we een biertje en wijntje op het balkon gedronken en de dingen die we de volgende dag zouden gaan doen opgezocht. We zouden gaan eten bij Mousikorama, een tip van de eigenaar van het appartement. Helaas was daar alleen plaats buiten en dat vond ik te koud en te winderig. We hebben wel meteen een tafel binnen gereserveerd voor de volgende dag. We zijn terug gelopen naar de straat bij ons appartement en hebben (ook weer heerlijk) gegeten bij Trilogia.

Piet nam daar een zeebaars, waarbij de serveerster even duidelijk maakte dat het een hele vis was, en geen filet. Wij weten dat, maar kennelijk zijn er toeristen die dan denken dat ze filetjes krijgen en er op z’n minst teleurgesteld over zijn dat ze zelf moeten pulken. Het was het eerste restaurant waar we de wijn in metalen kannetjes geserveerd kregen, het leken wel gewone bekers., dus zonder schenktuit, maar toch ging het goed. Na het eten waren we zo weer thuis, om daar nog een afzakkertje te doen.
Zaterdag 11 oktober dag van de kloosters 62 kilometer
We zijn op tijd opgestaan om verse broodjes te halen, handig zo’n kleine supermarkt in het complex (of in ieder geval dichtbij). Na het ontbijt zijn we om negen uur naar de kloosters vertrokken die we deze dag op het programma hadden staan. We begonnen bij het Heilig Klooster van Ipsenís. Voordat we daar aankwamen moest Piet een toiletstop maken in de bosjes langs de weg. Maar gelukkig waren we niet in een stad en was er verder geen mens of auto te zien. Toen hij de bosjes in ging zag hij (en wees hij mij) ook nog op een paar herten en geiten, leuk om te zien. Toen we aankwamen in het klooster was de kerk nog dicht: er was net gedweild.

Maar als we even zouden wachten zouden we er in mogen. Dat deden we dan ook maar, er was voor een kwartiertje best wel wat te zien. Er was ook een klein kerkje of een kapel, ook die was weer mooi. Met iconen en alles wat je ook in een andere Grieks-Orthodoxe kerk tegenkomt, zoals het kunnen aansteken van kleine kaarsjes en de blikken plaatjes met vragen en bedankjes van gelovigen. De grote kerk is een heel moderne kerk, we werden door een zijingang binnen gelaten. Maar eerst moest van die ingang het automatische screen omhoog gehaald worden, dus moesten ze even op zoek naar de afstandsbediening, het is niet allemaal oud op Rhodos. Het was een moderne kerk, maar ook wel met iconen. Er waren dames (wij zouden het nonnen noemen) die bezig waren met schoonmaken, en ook met het ophangen van een blauw vlak, en later een afbeelding van een heilige of belangrijke persoon voor dat klooster. Toen wij na het rondkijken naar buiten gingen werd de deur weer dicht gedaan. Buiten bij de voordeur die op slot zat waren een paar toeristen aan de deur aan het rammelen, maar die werd niet open gedaan. Waarschijnlijk hebben wij, door het vragen en belangstelling (en geduld) tonen, weer geluk gehad. Daarna zijn we naar het Heilige Klooster van Thárri gereden. Daar was een kerk met werkelijk prachtige fresco’s. Daar hebben we natuurlijk uitgebreid naar gekeken en best veel foto’s van gemaakt, zo mooi! Toen we naar buiten gingen gaf ik de monnik een briefje van € 5, we wisten dat er een donatie werd verwacht. We kregen van hem een stukje brood uit de doos die voor hem stond. Dat is kennelijk een gewoonte in de Grieks-Orthodoxe kerk. Bezoekers bidden tot de beschermheilige en ontvangen het speciale brood dat door de kerk wordt uitgedeeld. Door van het brood te eten krijgt men het goede van de geest.

We zijn ook nog in het museum geweest. Een bijzonder museum, met niet alleen heilige en minder heilige voorwerpen, maar ook vitrines waarin je zag wat je allemaal nodig hebt om iconen te schilderen. Ook voorbeeldtekeningen en de volgorde waarin je moest schilderen was erin te zien. Na het bezoek aan de kerk zijn we ook nog even door de wijnstokken galerij gelopen, maar daar was verder niet heel veel te zien. Over de prachtige buitenvloeren van kiezels met figuren erin zijn we naar buiten gegaan. Daar zagen we ook de donatie box staan, we gaan er maar vanuit dat de monnik ons vijfje daar ook in doet. Als je een monnik dat niet kunt toevertrouwen, wie dan wel. Net voordat we naar buiten gingen zagen we ook nog de klokken, die werden elektrisch aangedreven, ook wel weer bijzonder om te zien. Onderweg naar het Tharrí klooster hadden we ook nog een klein klooster gezien: het klooster van de Apostel Philip. We zijn daar een kort bezoekje gaan brengen onderweg naar onze derde geplande bestemming van die dag. Dat kleine klooster was zeker leuk om te zien, er zaten wat oudere mensen samen koffie te drinken. In het kerkje was het natuurlijk niet vergelijkbaar met waar we vandaan kwamen, maar dat kan ook bijna niet. Daarna zijn we echt naar de derde geplande bestemming van die dag gereden: het dorpje Asklipiío.

Daar staat de kerk van de Ontslapenis van de Moeder Gods (Church of the Dormation of the Virgin Mary), wij noemen dat Maria Hemelvaart. Beide gebeurtenissen worden namelijk gevierd op 15 augustus. We gingen binnen via het museum, dat kostte wel € 2 per persoon, dus te overzien. Het museum was leuk om te zien, de fresco’s en de kerk waren overweldigend mooi. Na het bezoek daaraan en het maken van de nodige foto’s zijn we op aanraden van de dame van het museum ook nog even in het tweede museumpje geweest, dat was een oude olijffabriek. Onderweg daar naartoe zagen we dat we ook gratis de kerk hadden kunnen bezoeken, maar dan hadden we de musea gemist, en we gaan ook niet failliet van € 4 entree. En toen werd het wel weer tijd voor wat eten en drinken. We zijn terecht gekomen bij Taverna Agapitos, een tip uit het boekje van de ANWB. Een prima plekje, niet veel gasten, maar er kwamen er later wel bij. We namen wat drinken en tzatziki, en bestelden ook een portie calamaris. “Helaas” kwam daar ook nog een grote portie friet bij, dus het was weer eens teveel.

We besloten toch ook nog naar het Holy Monastery of the Virgin Mary Tsambika te gaan, daar waren we gisteren niet meer aan toegekomen, maar nu lag het aan de goede kant van de weg. Voordat we daar waren kwamen we in de file terecht, er was een ongeluk gebeurd, en er lag een (huur)auto op zijn dak op een brug. Gelukkig waren ze al bezig om hem op een takelwagen te hijsen. Dat duurde even, erg gemakkelijk ging het niet. Maar gelukkig was een ambulance niet nodig, tenminste dat dachten we omdat er geen stond en we de vermoedelijke passagiers zagen staan. Onze navigatie stuurde ons een kilometer voor de afslag die wij dachten te moeten hebben van de weg af. Toch maar volgen, hij zal ons wel niet weer sturen naar het kapelletje op de berg aan het einde van de 330 treden trap. Voor de zekerheid gingen we ook nog op Google Maps rijden, en uiteindelijk kwam alles goed. We kwamen uit aan de andere kant van het klooster. Toen we de kerk in wilden gaan stonden er allerlei mensen mooi gekleed bij de ingang van de kerk, zou er weer een bruiloft zijn? In dit geval niet, maar het was de doop van een kindje. Mooi om te zien, en dus weer een cadeautje deze vakantie. Het duurde lang, maar we hadden gelukkig de tijd. Ik stak ook nog wat kaarsjes op, we stonden toch te wachten. Later heb ik het opgezocht, en de doop was precies zoals beschreven stond volgens de Grieks-Orthodoxe traditie. Het kind werd uitgekleed en volledig in het water gedoopt. Het werd daarna afgedroogd en aangekleed met een doopjurk (zoals wij die ook kennen). De peetmoeder hing het kindje een kettinkje met een kruisje om, en de priester knipte een klein lokje van het haar.

Toen de dienst voorbij was, kregen alle gasten een cadeautje en liep de kerk leeg. Daarom konden wij ook nog even op ons gemak kijken, terwijl de schoonmaakster aan het opruimen was. Helaas doofde ze alle kaarsjes (dus ook die van mij) en gooide ze weg. Dit alles betekende wel dat we weer veel later dan gepland thuis waren, maar je kan zoiets toch niet laten schieten. Onderweg zijn we nog even naar de grote supermarkt gegaan voor wijn en bananen. Thuis aangekomen zag ik dat het rechterachterlicht kapot was, maar we hadden nergens tegenaan gezeten, dus dat zal al wel geweest zijn. Daarna zijn we gaan eten bij Mousikorama. Heerlijk gegeten, met allemaal kleine porties om te delen. Je kon elke keer weer bestellen, ze hadden daar zo’n kaart als we in Nederland ook wel eens hebben: kleine gerechtjes en niet alles tegelijk hoeven bestellen. Wel handig dat ze daar ook kleine kannetjes wijn hebben (0,25 liter), zo konden we allebei onze eigen voorkeur drinken. Veel te vol zijn we weer naar huis gelopen, ik heb daar alleen nog wat steekwoorden geschreven. Ik lustte mijn koffie niet eens meer. We zijn heel vroeg naar bed gegaan.
Zondag 12 oktober Rhodos Stad 29 kilometer
Vandaag zouden we naar Rhodos Stad gaan, dus we stonden op tijd op. Na het ontbijt, eerst verse broodjes gehaald natuurlijk, hebben we de rest van het ontbijt ingepakt voor de lunch. De broodjes zijn groot, en we gooien natuurlijk niks weg. Na het ontbijt zijn we op kwart voor negen meteen gaan rijden. Ik had gelezen dat je bij de Akanti haven gratis kon parkeren, en dat er zelfs ook een gratis shuttle bus naar het centrum reed. Prima geregeld dus, niet eens hoeven betalen voor de bus omdat ze de stad autoluw willen houden. De bus was er al snel nadat we de auto geparkeerd hadden en naar de bushalte waren gelopen. We waren dus zo bij het centrum.

We zijn eerst naar het Paleis der Grootmeesters gelopen. Maar niet voordat we de binnenstad met de dikke muren via een prachtige grote poort waren binnengegaan. Daarna liepen we via een mooie hellende straat naar het paleis. We wisten dat toen nog niet, maar die straat die naar het paleis liep was de Ridderstraat. Aangekomen bij het paleis bleken we weer voor half geld naar binnen te kunnen, wel na het tonen van onze paspoorten. Op advies van de kassière gingen we eerst naar het museum.

Daar hadden ze natuurlijk allerlei mooie spullen staan in de verschillende vitrines. Maar ook op de binnenplaats waren al mooie dingen te zien, zoals beelden van de verschillende grootmeesters of andere belangrijke personen uit die tijd. En je kon wel zien dat het een belangrijke bezienswaardigheid is, er waren al aardig wat mensen, en natuurlijk ook groepen onder begeleiding van een gids. In het paleis zelf waren mooie zalen, met prachtige mozaïekvloeren. Een deel van die vloeren was opgegraven op Kos, en zijn dus niet oorspronkelijk van het paleis. Natuurlijk stond er ook wat meubilair. Het paleis heeft ongeveer twee eeuwen dienstgedaan als het hoofdkwartier voor de Johannieterorde (later bekend als de Orde van Malta). Daarom is er ook een gedeelte gewijd aan de ridders van Malta. Na ons uitgebreide bezoek aan het paleis zijn we door de Ridderstraat gelopen en hebben we aan de hand van de plattegronden die in de zijstraten hing de verschillende panden herkend.

Op de plattegrond stond ook welke dienst er in gehuisvest was, dus daarop konden we lezen waar de Franse ambassade gevestigd was en bijvoorbeeld ook de administratie van het paleis. Intussen was het wel tijd voor koffie. We kwamen bij toeval uit op het terras wat ook in ons boekje stond: Island Lipsi. Daar hadden ze prima cappuccino, dus we namen er maar twee, tijd genoeg. Op het terras besloten we eerst naar de Akropolis te lopen, dat was van daaraf ongeveer twee kilometer, dus best om te doen. En van daaraf zouden we wel weer kijken of we nog iets in Rhodos Stad zouden gaan doen. Onderweg naar de Akropolis hebben we op een bankje eerst onze broodjes en fruit opgegeten. Toen we weer verder liepen kwamen we langs verschillende winkels, ook een met sponzen. Daar heb ik er dan ook maar een gekocht, ik had al een beetje spijt dat ik dat op Symí niet had gedaan. De Akropolis was heel anders dan die van Lindos. Deze had een groot grasveld, dat ook gebruik werd als een park om bijvoorbeeld met je kinderen te voetballen. Het lag dan ook vlakbij een grote woonwijk. Pas verder doorlopend kwam je aan de ruïnes van de oude gebouwen. Er was en werd ook wel wat gerestaureerd, de kolommen van een tempel stonden in de steigers en er was een nieuwe “collegezaal” gebouwd vóór de muur van de oude bibliotheek. Het was zeker wel de moeite waar om er naar toe te zijn geweest.

Na het bezoek en de wandeling terug naar het centrum moest ik zo naar het toilet dat we op het eerste beste terrasje zijn gaan zitten. Daar hebben we natuurlijk ook meteen wat gedronken. Piet wilde een keer wat anders dan cola, die nam dan ook een tonic. Maar ook die kennen ze alleen in halve liters. Voor mij werd het dezelfde hoeveelheid, maar dan van bier. Na het drinken besloten we dat het genoeg was geweest en gingen we op weg naar de plek waar de transfer naar de haven zou komen. Die zou ons natuurlijk naar onze auto brengen. Het was een beetje onduidelijk aan welke kant we moesten staan, maar een chauffeur zei ons dat we aan de overkant moesten wachten. Dat hebben we bijna een uur gedaan, maar toen moest ik toch echt wel heel erg naar het toilet. Want het duurde allemaal wel heel erg lang, er waren ook andere mensen die geen idee hadden waar ze moesten staan en hoe lang het nog zou gaan duren. Een groepje ging intussen maar een stukje verder lopen. Wij besloten dat ik naar het openbaar toilet zou gaan, en dat we dan naar de haven zouden lopen, het was tenslotte maar twee kilometer. Toen ik bijna bij het openbare toilet was riep Piet me, de bus kwam eraan. Dus ik weer terug sprinten, maar gelukkig waren we daarna snel bij onze auto. En omdat het niet zo ver rijden was waren we ook weer snel bij ons appartement (met gelukkig het toilet). Voor het diner zouden we, voor de tweede keer, naar Meze Meze gaan. Dat was namelijk heel goed bevallen, leuke sfeer en lekker eten. Het was wel drukker dan de eerste keer, maar we hadden de tijd, dus dat was geen probleem. Helaas was het pita brood dat we besteld hadden bij de tzatziki verbrand, maar dat werd natuurlijk netjes opgelost.

Doordat het drukker was, was er ook entertainment. Een stel dat een tafeltje verder zat had niet in de gaten dat de gerechten bedoeld zijn om te delen. Hij dacht twee voorgerechten besteld te hebben, en had verwacht dat ze samen tegelijk zouden komen. Toen zijn vrouw haar gerecht al bijna op had riep hij de ober erbij, en begon te mopperen. Kennelijk was de ober ook een beetje geïrriteerd, want hij zei dat de man niet had aangegeven dat de gerechten tegelijk zouden moeten komen, en dat hun restaurant gebaseerd was op share dining. Misschien had de ober ook wat milder kunnen zijn, maar de klant was ook niet al te beleefd, dus sprake van elkaar versterken. We kregen ook te zien hoe een familierestaurant wordt gerund: er kwam een jongetje dat meteen meehielp met een tafel afruimen. Het ging een beetje rommelig, en ook niet helemaal goed, maar de wil om te helpen was er. Hij kreeg natuurlijk ook wel hulp van een ervaren afruimkracht: de ober zelf. Aan een grote tafel leek wat ruzie te ontstaan. Vanuit een grote groep liep een oudere man naar buiten met zijn fles water in de hand, hij vond kennelijk dat hij te lang op zijn eten moest wachten. Zijn zoon of dochter en hun aanhang stonden eerst ook op om te vertrekken, maar die bleven toch omdat op dat moment het eten kwam. Eerlijk als mensen meestal zijn hadden ze wel voordat ze zouden vertrekken hun drankjes en de fles water van de man afgerekend. Voor ons was het allemaal prima, we dronken rustig ons karafje wijn leeg en rekenden daarna af. De rekening kwam aan tafel, met voor allebei een stukje baklava, net zoals bij de eerste keer. We hebben hem deze keer allebei laten staan, we zaten allebei precies vol, en dan is baklava net te zwaar.

Thuis in ons eigen appartement hebben we nog een kopje koffie gedronken, en Piet nog een biertje. Hij heeft ook nog voetbal zitten terugkijken, hier hoor je namelijk niet de uitslag en kun je gewoon van het begin kijken, handig zo’n Ziggo Go en vakantie in Europa. Ik ben op tijd gaan slapen, heb er allemaal niet heel veel van meegekregen. We hebben de wekker pas om negen uur gezet, we zouden wel zien hoe laat we wakker werden, we hadden geen haast.
Maandag 13 oktober Kámiros 87 kilometer
We zouden het rustig aan doen, we hadden zelfs de wekker op negen uur gezet. Maar omdat ik al vroeg was gaan slapen was ik toch om kwart voor acht al wakker. Ik heb eerst broodjes gehaald, en nam ook nog wat verse pruimen mee. Na een rustig ontbijt hebben we allebei eerst gedoucht voordat we op pad gingen. We zouden naar Kámiros gaan, een archeologische site die erg bekend is. Een aardbeving in 226 voor Christus verwoestte de stad en de tempel. De aardbeving van 142 na Christus verwoestte de stad voor de tweede keer.

En daarna was de bevolking er wel klaar mee en verlieten ze de stad voorgoed. We hebben natuurlijk de navigatie via Kaarten aangezet, maar daar ging toen we er bijna waren toch iets mis. We werden een weg opgestuurd die de heuvel op voerde, maar uiteindelijk nergens toe leidde. En toen de navigatie zei dat we onze bestemming hadden bereikt wisten we dat we verkeerd zaten. Piet had beneden al wel een andere afslag gezien, maar daar stuurde de navigatie ons niet naartoe. Dus dan maar de site ingegeven in Google Maps, dat zou misschien beter gaan. Onderweg terug naar beneden kwamen we ook nog een aantal andere huurauto’s tegen die naar boven gingen, allemaal verkeerd gereden. Uiteindelijk kwamen we, via de afslag die Piet al had gezien, aan bij de site zelf. Daar ontdekte ik dat ik niet de site, maar het gebied had aangegeven. Kámiros is namelijk ook de naam van de regio. Dat zullen de anderen die verkeerd waren gereden ook wel gedaan hebben. We zijn eerst maar eens begonnen met koffie en iets lekkers, het is tenslotte vakantie. Na de koffie zijn we gaan rondlopen, eerst zijn we naar boven gelopen, naar de restanten van de tempel van Athena. Daarna deden we nog even een toiletstop en een ijsje om op het terras te gaan kijken wat er nog meer te zien was. De ijsje was wel heel erg aan de prijs, als ik dat gezien had vóór het afrekenen had ik ze waarschijnlijk niet genomen, maar och.

We keken op de plattegrond zodat we niet als een kip zonder kop rond zouden lopen en niet zouden weten waar we naar aan het kijken waren. Dat is overigens ook wel een beetje mijn ding, ik wil graag weten waar ik naar kijk. We hebben daarna alles rustig alles bekeken en er foto’s van gemaakt. We hebben onze lunch op een bankje opgegeten, op een mooi plekje met uitzicht op de site. Daarna deden we nog een toiletstop voordat we weer naar huis reden. Onderweg wilden we nog wat drinken bij een leuke taverne. We zijn eerst gestopt bij een restaurant met uitzicht op zee, maar daar reden we toch maar verder omdat het zo groot was en een taverna in een dorpje onderweg leuker leek. Maar dat viel een beetje tegen: in het volgende dorpje was wel een gelegenheid waar je wat kon drinken. Maar er was wel veel hangjeugd, en niet erg gezellig, maar wel heel goedkoop. Het drinken moest je zelf uit de koelkast halen, en ze hadden ook alleen maar blikjes. Het leek wel een soort bakkertje waar de schooljeugd tussen de middag rondhangt. We hebben onze drankjes maar snel opgedronken en zijn naar huis gereden. Omdat het nog wel erg vroeg was, en drieënhalf uur in de volle zon op het balkon ook geen optie was zijn we nog even naar het strand gelopen. Daar hebben we in de Monkey Beachside bar wat gedronken. We begonnen allebei met een cocktail, en namen daarna maar weer gewoon een biertje. Het was een mooi plekje, zo op het terras met uitzicht op het strand.

Thuis hebben we de laatste wijn en worst en chips opgemaakt, morgen weer naar ons huis in Den Bosch en dan kunnen we dat allemaal niet meenemen. Ik had voor het diner een tafel gereserveerd bij restaurant Éteòn, op de hoek van onze straat. Dat zou onze afsluiting en ook het meest luxe diner van de week worden. Het was ook wel erg lekker allemaal. Terug thuis ging het licht al snel uit.
Dinsdag 14 oktober onderweg terug naar Den Bosch 35 kilometer
Na het ontbijt hebben we onze spullen ingepakt, het werd tijd om op de terugreis te gaan. Maar gelukkig hadden we nog heel de dag, we hoefden de auto pas om 19:00 uur in te leveren om op tijd op de luchthaven te zijn. We moesten voor 11:00 uitchecken, en dat hebben we natuurlijk gehaald. De resterende kosten zoals het ontbijt en de toeristenbelasting moesten we bij de oude baas in de supermarkt afrekenen, tegelijk met het inleveren van de sleutel. En toen gingen we in onze Panda op weg voor de laatste dag op Rhodos. We hadden besloten om een beetje in de buurt te blijven, en onze auto op tijd in te leveren, zo’n laatste dag is toch ook wel vaak een beetje uitzitten, en het laatste gedeelte kun je dan beter op het vliegveld doen, dan ben je zeker op tijd voor je vlucht. We hadden bedacht om naar het Filerimos klooster te gaan. Tijdens de Turkse bezetting is het klooster door de Turken verwoest en het is pas in het begin van de twintigste eeuw vernieuwd, tijdens de Italiaanse bezetting van Rhodos. En er staat een groot kruis op de heuvel, waar vandaan je een prachtig uitzicht hebt. Toen we er naartoe reden regende het al een beetje, eigenlijk de eerste regen van deze week. Maar daar laten we ons natuurlijk niet door weerhouden om iets te gaan bezoeken. En bovendien was het ook geen weer om aan het zwembad of strand te gaan hangen.

Toen we aankwamen en onze entree hadden betaald (ook weer half geld, deze keer zonder paspoorten) zagen we dat er een aantal mensen in mooie kleren stonden te wachten, er bleek een bruiloft te zijn. We gingen de kerk maar eerst bezoeken, voordat we er weer niet in konden omdat de dienst bezig was. In de kerk waren in ieder geval niet de fresco’s te vinden, maar een kopie van het icoon van wel afbeeldingen van de Heilige Moeder Maria, dat een werk zou zijn geweest van Apostel Lucas. Het origineel hangt na de Turkse bezetting overgebracht naar een museum in Montenegro. Verder lopend over het terrein zagen we ook nog de restanten van een doopvont, en van een tempel gewijd aan Athena. Daarna zagen we waar het huwelijk vertrokken werd: in één van de patio’s van het klooster. We hebben daar ook nog even staan kijken. We zijn ook nog de heuvel op gelopen, daar stonden de resten van een Byzantijns fort, er was niet heel veel te zien, maar we konden er toch wel een stukje omheen lopen. Daarna zijn we terug gelopen naar de ondergrondse kapel, daarvan hadden we het dak al eerder gezien. We wisten alleen toen nog niet dat het een kapel was, en juist die met de fresco’s die overal aangeprezen staan. Dat zagen we pas toen we er voor de deur stonden. De fresco’s zijn inderdaad mooi, niet gerestaureerd, maar dat heeft ook wel wat. Mooi dat het allemaal bewaard is gebleven, maar waarschijnlijk wisten de Turken tijdens de bezetting niet eens dat die kapel bestond, anders hadden ze die ook verwoest. Na het bekijken van de fresco’s zijn we naar het grote kruis gelopen. Op de weg daar naartoe zouden de staties staan. Helaas, de soort kapelletjes waarin ze zouden moeten hangen stonden er wel, maar de staties zelf waren eruit gehaald voor restauratie. Jammer. Maar gelukkig was er wel wat anders te zien: er lagen geiten of bokken met enorme hoorns onder de bomen in het gras, ook leuk om te zien. We hebben even bij het grote kruis staan kijken naar het uitzicht, je kon aardig ver kijken over Rhodos en de zee eromheen. Maar toen was het wel een beetje klaar met deze site, we hebben nog wel wat gedronken op het terrasje om daar ook even te kijken wat we verder die dag nog zouden kunnen doen, want het had allemaal niet zo heel lang geduurd. Op het terras moesten we wel goed kijken waar we gingen zitten, er lopen nogal wat pauwen rond, en die laten ook overal vallen wat ze dwarszit. We besloten om naar het Bee Museum te gaan, de borden daar naartoe waren we onderweg al een aantal keren tegen gekomen, en we moesten toch wat om de tijd door te brengen. Het is een leuk klein museum, maar vooral voor kinderen die alles van bijen nog moeten leren.

Na het bezoek aan het museum zijn we naar Pastida, een dorp in de omgeving gereden. Daar hebben we even gezocht naar een leuk plekje, maar kwamen al snel terecht bij To kafeneio tis Ariadnis, een authentieke taverne. Zo eentje waar staat dat roken verboden is, maar waar de vrouw achter de bar gewoon een sigaretje opstak. Er kwamen ook een paar Nederlandse mannen een salade halen, naar hun zeggen de beste van het hele eiland. Die namen ze mee naar hun appartement, daar zouden hun vrouwen wel zijn. Tijdens het wachten namen ze natuurlijk wat drinken, en ze kregen ook nog een ouzo aangeboden. We hebben daar heerlijk gezeten, en namen natuurlijk ook nog een portie tzatziki met brood. Een drankje erbij, voor Piet weer een frisje, waarschijnlijk het laatste van deze reis. Na de kleine lunch en het drinken zijn we gaan tanken en hebben we rond vijf uur de huurauto terug gebracht. Toen ik naar binnen ging om de zaken af te handelen moest Piet de bagage alweer uit de auto halen. De man die hem innam had haast, hij liep er even snel omheen, en keek of de tank vol was. En toen was het al weer klaar. Waarschijnlijk was dat ook zodat wij nog mee konden met het busje dat klaarstond met nog een paar andere toeristen om ons naar het vliegveld te brengen. Als je kunt combineren is dat natuurlijk altijd voordeliger. Aangekomen op het vliegveld was het natuurlijk weer hangen, we waren ook veel te vroeg. Eenmaal in het vliegtuig bleek maar weer dat goed personeel ook beter voor de klanten is, het drama met de drankjes op de heenweg was hier niet aan de orde. De dames en heren van Transavia waren een stuk efficiënter. Even een beetje dommelen verder waren we alweer op Schiphol.

Na het ophalen van de grote bagage stond de bus naar P3 alweer klaar, we waren dus zo in de parkeergarage. Na een uurtje waren we mooi op tijd thuis op de Vorrinklaan. Natuurlijk namen we nog wat drinken en wat te eten, maar toen was ook deze vakantie weer verleden tijd. Het was weer mooi geweest, Griekenland blijft goed te doen, zo voor een weekje op een mooi eiland.
