Reisverslag Costa Rica

Inleiding

We hebben nooit geweten dat het zoveel kon regenen in een paar dagen. Een tropische regenbui aan het einde van de middag en vervolgens gewoon weer zon en/of warmte was toch meer onze ervaring. Helaas is het soms in Costa Rica toch even wat anders, we hebben de dagen in Tortuguero alleen maar regen gehad. Drie keer per dag kleddernat was niet heel raar. Maar gelukkig is het warm water en dat is dan minder erg. Jammer genoeg droogt alles dan ook door de hoge luchtvochtigheid niet heel erg snel, de fan of airco aanzetten is dan de enige mogelijkheid. Maar gelukkig klaarde het weer na Tortuguero op, al heel snel was het warm en zonnig. Helaas duurde dat ook niet al te lang, en hoewel we er ons niet door uit het veld hebben laten slaan hebben we geen enkele dag tot aan Corcovado droog gehad. Gelukkig was het dat daar wel, op een forse regenbui ‘s-nachts na. Later in de reis knapte het weer op, en ik ben zelfs verbrand door de zon. En hoe nat het ook was: we zagen tijdens alle wandelingen de nodige dieren, die hebben er kennelijk (ook) geen last van. Een tip voor degenen die al snel na onze reis die kant op gaan: pinnen is op een aantal plaatsen niet mogelijk, maar je kunt wel overal met een creditcard terecht. Zelfs in de supermarkt doen ze daar helemaal niet moeilijk over, en ook het kleinste bedrag in een restaurant of hotel kan op die manier voldaan worden.

Vrijdag 16 november

Patrick heeft ons naar Schiphol gebracht en dat is dan toch wel weer lekker. Het was nog rustig op de luchthaven, dus we waren zo ingecheckt. Dat moest wel in twee keer: de incheck zelf moesten we zelf via een automaat doen. Daarna nog even de bagage afgeven, dus toch weer in de rij. Gelukkig werd de bagage doorgelabeld, dus daar hadden we geen omkijken meer naar. Eerst maar eens koffie nadat we door de douane waren gegaan, met een lekkere, maar ook grote tosti er bij. We zijn niet geslaagd bij het shoppen. De mevrouw van de kassa waarschuwde dat er mogelijk een probleem zou zijn met de geurtjes. Die hebben we dus maar laten staan. Bij de gate stond natuurlijk ook weer een rij, maar dat ging ondanks het vragenrondje redelijk snel en voor we het wisten zaten we in het vliegtuig. De vlucht ging redelijk snel voorbij, het was tenslotte toch ook nog overdag. Maar wel één vreemde gewaarwording: er werd volop koffie, water en fris geschonken, maar voor alcohol moest je extra betalen en niet te misselijk ook. Een rustige vlucht, met een eigen schermpje met heel veel films, spelletjes en series. Na een rustige vlucht kwamen we iets vroeger dan gepland aan in Houston. Daar konden we relatief snel door de douane, als je alle vingerafdrukken en foto’s meerekent. Daarna door naar de gate waar we eerst weer door de veiligheidscheck moesten. Compleet met schoenen uit en bodyscan, maar we stonden goed: er ging net een nieuwe gate open toen wij daar stonden. Na dat gedoe zijn we op de schermen gaan bekijken waar we zouden moeten boarden, en toen maar eens op zoek naar een kroeg. Piet nam voor de tweede een Guiness, ik heb het maar bij Stella gehouden. Na de biertjes nog gekeken naar een geurtje, maar die zijn hier een stuk duurder dan in Nederland, dus dat hebben we maar niet gedaan. Nog even hangen op het vliegveld, waarbij het op het laatst nog spannend werd omdat er een slow-woop alarm af ging. Het leek wel of de luchtvaartmaatschappij tijdens het alarm sneller ging inchecken om maar vlug weg te kunnen zijn voordat ze aan de grond gehouden werden.  Na een vlucht van ruim drieënhalf uur kwamen we aan op San Jose. Piet had natuurlijk weer geen oog dicht gedaan. Ik had natuurlijk lekker een paar uurtjes mijn oogjes dicht gedaan en was dus relatief fit. We waren snel door de douane, hoewel we een klein probleempje hadden omdat we ons hotel niet meer wisten en ook niet konden opzoeken. Uiteindelijk was de douanier overtuigd van onze goede bedoelingen en mochten we door. De tassen waren er snel (en gelukkig weer allebei), zodat we naar buiten konden. Daar ontmoetten we onze reisgenoten, en ook onze reisbegeleider en bus met chauffeur waren er snel. Wij waren te vroeg, en zij hadden vertraging dus het ging allemaal net goed.

Onze chauffeur José propte de bagage op de achterbank en stoelen, en een beetje krap reden we naar ons hotel. Onderweg had Derk (onze reisbegeleider) al een en ander verteld. Hij vroeg ook wie er mee zouden gaan naar de Poas vulkaan, maar toen ik vroeg hoeveel kans wij zouden hebben om in de krater te kijken was het al snel bekeken en wilden slechts vier personen. Dan zou het wel erg duur worden, dus iedereen zag er maar vanaf. Iedereen ging naar bed, maar wij wilden nog wel een klein biertje doen. Helaas was er in ons hotel El Sesteo geen alcohol te krijgen, dus toen zijn we maar even naar buiten gelopen. Na een paar gelegenheden met een hoop herrie kwamen we terecht op het terrasje van Beso, een lokaal restaurant. Daar deden we anderhalf biertje en zijn we naar huis gegaan om te slapen. Prima hotel.

Zaterdag 17 november San Jose (Hotel El Sesteo)

We waren op tijd op, om negen uur zou de briefing zijn. Omdat we allemaal op tijd waren begon Derk iets eerder. Een kennismakingsrondje, algemene informatie over het land, het programma en San José kwamen allemaal langs. Het werd dus een aardig lange zit, maar we kregen ook wel een beeld over de reis en onze reisgenoten. Daarna zijn we met de bus naar het centrum gegaan, helaas lag het hotel op 40 minuten lopen van het centrum. De bus was goedkoop: omdat we geen Colones hadden mochten we doorlopen en dus gratis mee. Eerst maar naar het postkantoor, maar dat was gesloten. Dan maar naar de boekhandel voor ansichtkaarten, misschien hadden ze daar ook wel postzegels. Helaas, wel kaarten maar geen zegeltje om ze te verzenden. Dat zou dan nog wel komen. We zijn eerst maar eens verder gelopen, het was gezellig druk in de stad. Bij het nationaal theater aangekomen hebben we eerst koffie met een broodje genomen.

Daarna zijn we naar het museum gegaan, was best mooi. Vooral de gouden beeldjes, knap hoe ze vroeger zo minutieus konden werken. Indrukwekkend! Na het uitgebreide bezoek aan het museum zijn we nog een keer rond gelopen, en zijn we een biertje gaan doen bij El Patio. Een leuke tent waar de ruiten waren vervangen door plastic zodat de regen buiten bleef. Was een gezellige tent. We hebben nog even rond gelopen, hebben in de supermarkt een fles Bacardi gekocht en zijn naar het restaurant gelopen. Na het eten hebben we samen de karaf wijn leeggemaakt en zijn toen met een taxi terug gegaan naar het hotel. Daar hebben we in de tuin nog een Baco genomen met cola uit het hotel en zijn we redelijk op tijd naar bed gegaan.

Zondag 18 november naar Puerto Viejo de Talamanca (Totem Lodge)

We moesten op tijd zijn voor het ontbijt, acht uur vertrekken, en daarom om zeven uur de bagage bij de bus. Dan heeft José ook nog de tijd om hem op de bus te laden. Dat zal een stuk comfortabeler zitten, vooral voor Derk die de rit in San José tussen de chauffeur en de stoel er naast moest zitten omdat er te weinig plekken waren door de bagage. We hebben goed ontbeten en zijn toen op tijd op pad gegaan. Na een poosje rijden, met heel veel uitleg over van alles en nog wat door Derk hebben we een koffiestop gemaakt. Daar zagen we mooie bloemen en vogels, waaronder een toekan. De koffie was er ook prima, en na het bezoek aan het toilet zijn we weer verder gegaan tot aan onze lunchplaats. Daar heeft Piet een soepje en ik een schotel met rijst, bonen, vis en gebakken banaan genomen. Voor beiden was dat prima. Ook daar konden we weer vogels zien, net zoals ook onderweg. We reden na de lunch verder naar Cahuita NP, daar hebben we in de regen een korte wandeling gemaakt over een pad dat vlak langs het strand loopt. Net nadat we vertrokken waren hoorden we een brulaap, en die hebben we ook in het gebladerte gevonden. Er waren ook nog wat jonkies bij, leuk om te zien. Tijdens de korte wandeling hebben we ook nog een hagedisje gezien, heeft Piet een leguaan zien oversteken en kwamen we op de terugweg een neusbeertje tegen. Jammer genoeg waren alle dieren te snel weg, en weigerde de camera van Piet bij het neusbeertje. Maar we hebben het wel gezien en dat was ook wel wat waard. Dan maar geen foto’s, we hebben ook niet echt de camera’s die op grote afstand kunnen fotograferen.

En dat maakt ook niet uit, we zien het toch wel. We zijn wel op enig moment moeten terug gaan omdat de zee het pad een “beetje” overspoelde. Terug gekomen zaten reisgenoten al aan een biertje op het terras, dus daar hebben we ons maar bij aangesloten. Na een uurtje of anderhalf was de rest er ook, de bus was er stipt op tijd om vier uur en we konden dus weer verder. Onderweg naar het hotel Totem Lodge zijn we nog gestopt bij een supermarkt voor wat boodschapjes. Wij hebben niet veel mee genomen, een flesje water, wat bananen en een zakje chips voor bij de borrel die avond. Van Derk kregen we allemaal een grote plastic zak voor de bagage op de boot naar Tortuguero. Toen we bij het hotel aankwamen was de bus weer zo afgeladen, vele handen maken licht werk en de heren maakten een rijtje om de tassen door te geven. Toen wij de sleutel kregen en weer naar achteren moesten op een verdieping begon ik alweer bijna te balen. Maar toen we binnen kwamen en de jongeman die mijn tas droeg vertelde dat er niet genoeg kamers waren en we daarom een suite kregen was die bui ook al weer snel over. Helaas was dat niet het geval met de regen, het bleef maar doorgaan. Dus toen we de stad in liepen om samen te gaan eten heb ik de pluutjes maar weer in mijn rugzakje gegooid. Heen was het droog en we liepen dan ook lekker, met onze lampjes omdat het handig ons om aan auto’s en ander verkeer te laten weten dat je er loopt, richting het dorp. Het restaurant wat we zochten hebben we niet gevonden. Maar er zijn er genoeg, dus al snel hadden we een alternatief gevonden in Café Viejo. Daar hebben we heerlijk gegeten, deze keer ik Italiaans en Piet een “normale” schotel. Biertje vooraf en lekker wijntje bij het eten en het was weer prima. In het hotel terug hebben we nog een colaatje meegenomen.

Maandag 19 november Puerte Viajo de Talamanca

Na een prima ontbijt viel dan toch de beslissing: het was beter om na de middag te gaan wandelen in het Cahuita NP. Misschien was het dan wel droog en anders kun je altijd nog iets anders besluiten. Dus voor de ochtend moesten we een alternatief programma bedenken. Dat was gelukkig niet heel moeilijk: er is een dieren opvang centrum op twee kilometer afstand. Maar omdat we die middag al gingen lopen had Piet het idee om een fiets te gaan huren voor een halve dag, zodat we niet twee keer vier kilometer extra hoefden te lopen. We wilden namelijk wel graag postzegels gaan kopen voor de kaarten die we ook al geschreven hadden, en het postkantoor was in de stad. Dus snel naar de receptie, waar we al heel snel de beschikking hadden over een strandfiets voor allebei. Met de fietsen was niks mis mee, gelijk op de goede hoogte, dus op weg waren we. Naar het dorp liep ietwat omhoog, en ik merkte dat meteen met deze luchtvochtigheid. Toch viel het wel mee en we waren zo in het dorp en bij het postkantoortje.  Maar niet voordat we natuurlijk een keer waren gestopt omdat we iets moois zagen. En mooi of niet, een paar zwarte gieren die op een dakrand zitten zijn ook nieuw voor ons, dus een stop en foto waard. Op het postkantoor kocht ik dertien postzegels die op een soort labelprinter werden afgedrukt. Terug naar het hotel zijn we ook nog even langs de bakker gegaan voor de lunch, ik kocht een zoet brood. Dat zag er lekker uit, was groot genoeg en we zouden wel zien of we er genoeg aan hebben. We hebben wel wat om op te teren als dat een keer niet het geval zou zijn. Op de hotelkamer hebben we eerst maar de postzegels geplakt en daarna zijn we weer met de fiets naar het dierenopvangcentrum gegaan. Onderweg zijn we een aantal keren gestopt: voor bloemen, voor spinnen, voor vogeltjes op een spanningsdraad en voor een paar gieren die op een klein vuilnisbeltje naast de weg zaten te pikken. Allemaal een foto waard dus. Het was een klein eindje fietsen naar het opvangcentrum, maar met de fiets is het te doen (lopend ook, maar we hadden de fietsen toch al gehuurd voor de postzegels). Aangekomen bij het opvangcentrum waren we ineens US$30 lichter en werden we toegevoegd aan een groepje dat onder leiding van een gids langs de dieren ging. Ongeduldig als we zijn gingen we zelf lopen. Een van de verzorgsters kwam naar buiten met een nachtaapje in een dekentje gewikkeld. Een heel lief ding, gelukkig mochten we er een foto van maken. Ze liet ook even een toekan uit zijn kooi voor de dag, ze laten bijna alle dieren (behalve de reptielen en spinnen) overdag uit hun kooi en die mogen dan gaan en staan waar ze willen. Daarmee wennen ze een beetje aan het zijn in de vrije natuur en kunnen ze op enig moment weer terug naar de wildernis. Maar er zullen natuurlijk altijd dieren zijn die niet terug kunnen omdat ze ziek of gehandicapt zijn. We liepen verder en kregen bezoek van een bonte specht die op mijn en Piet z’n schouder en lijf ging zitten. Op enig moment dacht hij waarschijnlijk dat de riem van Piet een boom was, want daar ging hij lustig op los zitten tikken. Toen we even zelf verder aan het rondkijken waren zagen we dat er groepjes onder begeleiding van een gids in het apenverblijf mochten. Natuurlijk wilden wij dat ook, dus we gingen op zoek naar onze eigen gids en groepje. Daar sloten we aan toen hij bijna klaar was met vertellen over en bij de reptielen en spinnen. Dus we kwamen mooi op tijd bij de groep terug voor de rondgang langs de kikkers. Er zaten hele mooie, en omdat ze niet zo goed te zien waren ging de gids er maar een halen zodat hij goed kon laten zien hoe mooi ze waren. Gelukkig had ik al een film gemaakt van een langzaam bewegende kikker toen we alleen aan het struinen waren, dus een paar foto’s van mij en van Piet waren deze keer genoeg. Hij wees ook een glaskikkertje aan, en dat kon ik alleen maar filmen omdat het zo ver weg zat. Piet had er ook nog een foto van genomen, dus ook die stond er mooi op. Aangekomen bij het apenverblijf mochten we inderdaad naar binnen, nadat we onze handen hadden gedesinfecteerd met gel. De camera’s en tassen mochten niet mee, dus dat was wel jammer. Maar toch was het leuk, de aapjes kwamen zo maar spontaan in je nek liggen, lekker warm en cosy. Na een kort verblijf moesten we er weer uit, er stond alweer een volgende groep te wachten. Nog even handen desinfecteren en we konden weer gaan. Het was ook gelijk het einde van de rondleiding, en we gingen nog even zelf rondlopen. Daar kwamen we bij een jongedame met een ocelot (kat) op haar schoot. Daar hebben we natuurlijk ook foto’s van gemaakt, en ook toen we op de weg naar buiten zagen dat het beest een bot had gehad en daar op lag te knagen. Ook kwamen we de vrijwilligster van het nachtaapje weer tegen, deze keer was ze op aan het passen op vijf luiaard baby’s. Twee had ze in een deken in haar armen en drie lagen in een kistje, natuurlijk ook in een fleece deken om warm te blijven. Er liep ook een knaagdier rond in de omheining waar zij was. Ze vertelde het verhaal dat veel mensen dat knaagdier doden, omdat het maar een knaagdier was. Maar ze vertelde ook dat het een dier is dat heel belangrijk is in het ecosysteem omdat het de enige manier was om nieuwe bomen van de macadamia notensoort te planten. Dit dier is het enige dat de noten van die boom eet, en verstopt als voorraad. Omdat hij niet altijd meer weet waar hij ze verstopt heeft kunnen daar nieuwe bomen groeien. Na het dus erg leuke bezoek aan het opvangcentrum zijn we terug gefietst om met een deel van de groep te gaan wandelen in Cahuita NP.

Het regende gelukkig niet zo hard meer, dus we gingen vol goede moed met José naar de noord ingang van het park. Daar hoef je namelijk niet een vast bedrag te betalen en kun je doneren wat je wilt. Omdat we de vorige dag uit de groepspot al US$3 pp hadden betaald vonden we nu US$2 pp wel voldoende. Maar toen we uit de bus stapten goot het weer, konden we nog mee terug??? Dat kon natuurlijk wel, maar hebben we niet gedaan. Het eerste stuk van de wandeling was hetzelfde als de vorige dag. Gelukkig hadden we onze pluutjes bij ons, die dingen bleken deze vakantie helaas goud waard. Al lopende zagen we natuurlijk geen moer, en zelfs de brulaap die we hoorden konden we niet vinden in het gebladerte. Fijn zo’n wandeling in de regen! Aangekomen bij de oversteek van de kreek deden we onze schoenen uit, de anderen hadden allemaal slippers of Teva’s aan.Een van onze reisgenoten had een kapotte slipper omdat hij in de modder vastgezogen werd en bij het lostrekken de slipper uit elkaar trok. Na de oversteek zagen we wel wat dieren, beginnend met een luiaard die door een van onze groepsgenoten was gespot. Mooi, onze eerste wilde luiaard is een feit. Al heel snel zagen we ook onze tweede. Toen Derk met een stel boswachters stond te praten riep iemand anders dat ze een neusbeertje zag. Dat neusbeertje was lekker aan het scharrelen aan de waterkant en leek helemaal niet schuw te zijn. Hij trok zich in ieder geval van ons niet veel aan en liep op z’n gemak naar de overkant om daar in de struiken te verdwijnen. Hij staat mooi op de film! Daarna riepen de boswachters dat er 200 meter verder een gele slang (Whiplash Viper) aan de rechterkant van het pad lag. Ze zeiden ons voorzichtig te zijn omdat het een van de giftigste slangen van de wereld is, en zeker in Costa Rica veel mensen doden. We liepen allemaal met veel spanning te zoeken, en de regen was snel vergeten. Bovendien leek die ook wat minder te worden. Maar pas toen de boswachters ons weer in hadden gehaald, en de afstand van 200 meter minstens twee keer was gelopen zagen we de slang. Aan de linkerkant van de weg lag een gele baby mooi te zijn op een blad, aan de andere kant lag een bruine babyslang. En aan die kant lag ook een groot geel exemplaar, werkelijk prachtig uitgestrekt op een tak vlak naast het pad en laag bij de grond. Dus een prima plek voor een fotosessie. En dat is de slang dan ook echt overkomen, hij zal waarschijnlijk zijn hele verdere leven niet op zoveel foto en film terecht komen. Iedereen was in vervoering, en de camera’s klikten en draaiden volop. Een van de fotografen onder ons kwam ook nog in aanraking met de andere kant van de regenwoud natuur: hij lag half op de grond voor een mooi shot toen een grote mier besloot dat een mensenbeen daar niet hoorde en flink beet. De mier zat goed vast en hij had moeite hem eraf te krijgen. Het was kennelijk erg pijnlijk, hij schreeuwde namelijk nogal (goed dat slangen doof zijn, anders was de fotosessie voorbij geweest). Terug op pad kwamen we nog een luiaard tegen, en toen we een beetje meer langs het strand liepen zagen we ook fregatvogels en pelikanen op palen in de oceaan zitten. Verder wandelend hoorden en zagen we ook weer een troep brulapen, en een havik die op het pad zat maar helaas wegvloog toen wij er naar toe liepen. Al met al veel gezien, met als toetje nog een kapucijner aapje toen we al bijna bij de uitgang waren. Helaas kon die niet meer op de film omdat de camera was opgeborgen en het beestje te snel weg was. Goed nat en smerig van de modder kwamen we aan bij de bus waar José ons voorzag van handdoeken om op de stoelen te leggen. Toen we onderweg naar het hotel door het dorp kwamen heb ik nog een klein flesje whisky en twee biertjes gekocht. Terug in het hotel besloten we toch maar in het dorp te gaan eten, bovendien was het restaurant van het hotel gesloten (raar als er gasten zijn). Heen liepen we bijna droog, alleen het laatste stukje moesten we toch de pluutjes weer tevoorschijn halen. Onderweg hebben we bij de bakker broodjes gehaald voor het ontbijt. We hebben heerlijk bij El Pescador gegeten, vergezeld van ieder twee Mochito’s. Was prima en niet duur! Terug weer door de stromende regen, het houdt maar niet op. Bij de receptie heb ik nog een colaatje meegenomen en de rekening betaald. Daarbij bleek dat je bij betaling met creditcard extra kosten hebt, dus ik heb dat maar niet gedaan. We hebben tenslotte niet voor niets zoveel cash geld meegenomen. Al snel kreeg ik slaap, en we lagen er dan ook vroeg in.

Dinsdag 20 november naar Tortuguero (Hotel Rana Roja)

We waren op tijd weer wakker, Piet zelfs alweer veel te veel op tijd. Ook hier heeft hij niet meer slaap nodig dan vier uur lijkt het wel 9. We hebben eerst de tassen ingepakt en gedoucht, daarna onze tassen naar beneden gebracht. José was blij dat we onze tassen nog niet in de plastic vuilniszakken hadden gedaan. Het is voor hem namelijk lastiger om de bagage op het dak vast te zetten met al die gladde vuilniszakken er omheen. Om half acht zijn we vertrokken. Derk vertelde weer een hoop in de bus. Na twee uurtjes rijden waren we weer bij het koffietentje waar we op de heenweg koffie hadden gedronken, en ik kon dus met een gerust hart twee bakkies bestellen. Piet heeft in de tuin van het restaurantje nog wat mooie foto’s van vogels gemaakt, dus de pauze was prima. José had wel gevraagd of we niet zo lang wilden pauzeren omdat we wel een beetje op tijd moesten zijn voor de boot. Heel de dag had het al weer geregend, dus fijn was het weer niet. Toch weerhield de regen er niemand van om uit de bus te vliegen met zijn of haar camera toen er ineens op de weg een drietenige luiaard aan het oversteken was. Wat een buitenkansje om zo’n beest van dichtbij te zien en te fotograferen. Met een natte rug zat iedereen weer in de bus voor het laatste gedeelte van de reis naar de boot die ons naar het hotel in Tortuguero NP zou brengen. Bij de opstapplaats aangekomen goot het natuurlijk weer, maar José zette de bus onder het afdak zodat we in ieder geval droog konden uitladen. Na een plasstop zijn we met de bagage op de nek naar de boot gelopen, gelukkig regende het toen een stuk minder. Maar droog was het niet. De bootsman zette de tassen allemaal in de boot en heeft ze ook nog afgedekt zodat het spul droog zou blijven.Toen we zouden gaan varen sloeg de accu niet aan, maar we dreven de goede kant op, dus het zou wel goed komen. Helaas kreeg onze bootsman toch de motor niet draaiende, en moest er een andere boot met een soort startkabel langs komen om ons op weg te helpen. Toen de motor eindelijk draaide konden we op pad. Derk had gezegd dat de boot niet zou stoppen tenzij er iets heel bijzonders zou zijn. Onze bootsman had waarschijnlijk bedacht dat hij iets goed te maken had voor de verlate start want hij stopte bij een aantal punten waar wij iets hadden gezien. Dat begon bij een kaaiman. Helaas duurde het keren van de boot weer zo lang dat het beest van de kant af het water was ingegaan. We konden alleen nog de bovenkant van zijn kop zien. De volgende “stop” was een boom waarin twee basiliek hagedissen zat.

De boot dreef er wel erg ver naar toe dus de meest fotogenieke hagedis was weer snel weg. Verder zagen we natuurlijk onderweg wel wat reigers en andere vogels. Maar een mooi stukje was zeker de plek waar slingerapen zaten. Mooi om te zien en Piet had wel een paar leuke foto’s. En al die tijd regende het…. Aangekomen bij de lodge Rana Roja was het weer de tassen uitladen. En het ging hoe langer hoe harder regenen….. Er lagen gelukkig paraplu’s en die heb ik dan ook maar gelijk een genomen, en Piet was ook zo verstandig om dat te doen voordat alles nat werd. Bij de receptie kregen we een welkomstdrankje aangeboden en konden we gelijk aanvallen voor de lunch. We vonden dat we met al die regen daar wel een biertje bij hadden verdiend en dat was dan ook zo geregeld. Prima lunch gehad en daarna naar de kamer. Die middag zou er niets van een excursie of trip naar het dorp komen, het goot er uit. Ik ben er intussen wel een beetje klaar mee, hoewel een middagje rust ook geen kwaad kan. We hebben eerst maar een kopje cappuccino op onze veranda genomen en een beetje gebuurt met wat buren. Ik heb daar ook aan het reisverslag zitten werken, ik had tenslotte toch tijd genoeg. En in de tussentijd bleef het maar regenen en niet zo zuinig ook, bovendien begon het ook nog te onweren. Uiteindelijk maar weer naar binnen gegaan omdat ik het idee had door mijn kleren gestoken te worden. Rond zes uur zijn we naar het restaurant gegaan om voor het eten een biertje of zo te doen. Daar zaten al een paar reisgenoten. Lekker wat zitten kletsen, en daarna met elkaar aan tafel. Ik bestelde een wijntje, maar mijn Spaans is nog niet zo goed: caliente is namelijk warm en ik had willen vragen of de witte wijn frio (koud) was. Niet gelukt, maar de ober stond al wel de fles open te maken. Dan toch maar een witte, ondanks dat hij lauw was. Tenslotte drinken we rode wijn ook lauw en niet koud. Het eten was niet bijzonder, gewoon weer een buffet, maar het was wel gezellig aan tafel. Mijn wijnglas was wel heel erg veel kleiner dan die van de rode wijn, en dus vertelde de ober dat de wijn voor mij geen US$6, maar US$4 zou kosten. Om dat te vieren nam ik er nog maar een, terwijl Piet bij één rode bleef steken. Maar dat was alleen maar bij het eten, daarna nam hij gewoon nog een biertje. Na het natafelen zijn we naar de kamer gegaan (en met ons heel de groep).

Woensdag 21 november Tortuguero

We waren op tijd weer wakker. Helaas goot het nog en wisten we dus dat de boottrip om zes uur niet door zou gaan. Voor het ontbijt was het zowaar even droog en hebben we wat foto’s en een klein filmpje kunnen maken van een witte reiger in de overstroomde tuin van de lodge. Bij het ontbijt besloten we dat we om acht uur zouden gaan, en in een boot met een afdak. Eerst hebben we de gids opgehaald en heeft Derk de entreebewijzen voor het nationale park betaald. Het was een leuke tocht, die wat regen betreft niet droog was, maar door het afdak en de door het hotel verschafte poncho’s wel meeviel. We hebben mooie dingen gezien, natuurlijk al het groen aan de oevers van de rivier, maar zeker ook verschillende dieren. Veel mooie vogels, waaronder kleine blauwe reigers, een slangenvogel, mangrovezwaluwen, en nog veel meer andere vogels. Zelfs op het einde van de tocht een visarend.  Maar ook brulapen die opgerold in een boom lagen en omdat ze zo nat waren helemaal niet bewogen. Een paar leguanen hebben we ook gezien, en eindelijk hebben we kapucijner aapjes mooi op de foto. Na de boottocht hebben we eerst een bakje koffie in de lodge genomen, en zijn daarna zelf op pad gegaan. We hebben een watertaxi besteld, terwijl het water met bakken uit de hemel kwam. Gelukkig hadden we onze poncho’s en was de taxi overdekt. Na nog een tien minuten varen waren we bij de steiger van het dorp. Het dorp zelf was helemaal onder gelopen, je kon maar weinig plekjes vinden waar je gewoon op de weg kon lopen zonder door allerlei plassen en riviertjes te moeten lopen. Maar gelukkig vonden we na onze eerste rondgang door het dorp een kroeg/restaurant dat open was en konden we beginnen met een biertje.

Omdat het Turtle Conservation Centre waar we naar toe wilden pas om twee uur open ging hebben we maar twee biertjes ieder genomen. Het Turtle Conservation Centre was klein maar wel interessant. We hebben eerst een film gezien en daarna uitleg gekregen van een vrijwilliger/onderzoeker. Die vertelde dat het nog wel zou kunnen gebeuren dat er eieren zouden uitkomen, maar dan aan de andere kant achter het dorp en vanaf vijf uur. Bovendien was de kans niet heel groot en kon hij ons niet vertellen waar dat zou kunnen zijn. Na het bezoek aan het centrum zijn we nog wel even over het strand gelopen, maar niet zo lang en ook niet zo ver. We hebben wel veel uitgekomen nesten gezien, en het zou wel heel toevallig zijn als wij dat ook zouden zien. Vooral ook omdat het te vroeg was, maar vooral omdat er al zoveel waren uitgekomen. Na onze strandwandeling, waarbij ik ook nog even natte voeten (en broek) heb gehaald in de Caribische wateren, zijn we op zoek gegaan naar het uitgekozen restaurantje. Al snel gevonden omdat ik wist dat het bij het voetbalveld lag, en we dat veld ook al tijdens de strandwandeling hadden gezien. Bij Miss Miriam’s aangekomen kwamen we in gesprek met een stel uit Waalwijk dat ook pas sinds zondag in Costa Rica was. Gezellig een half uurtje zitten kletsen. Toen zij weg gingen hebben we het eten besteld. Dat was helemaal prima, ik had een heerlijke (halve) kip en Piet visfilet (met graatjes). Salade, rijst en groenten er bij maakte het compleet. Daarna zijn we naar de lodge terug gegaan met een watertaxi, we waren er dus weer zo. Daar heb ik de mailtjes naar Roger en Leo gestuurd en het reisverslag bijgewerkt. Na een poosje kwamen onze reisgenoten binnen en ben ik gestopt met schrijven. Toen we naar onze kamer liepen zagen we een paar reisgenoten op jacht naar kikkers en ander spul. Ze hadden een roodoogkikker gevonden waarvan een prachtig scherpe foto gemaakt kon worden.

Donderdag 22 november naar La Fortuna (Catarata Eco Lodge)

Gelukkig waren we op tijd wakker, we zouden namelijk om half negen vertrekken en dan is half zes een mooie tijd om op te staan. En gelukkig regende het weer, dus moesten we weer de pluutjes op. Na een prima ontbijt zijn we op de boot gestapt, maar niet nadat onze koffers en tassen prima waren ingeladen en ingestopt in plastic. De tocht terug naar de opstapplaats van de boot liet wel zien wat het effect was van zoveel regen: de rivier was twee keer zo breed en op bepaalde plaatsen was het dijkje doorgebroken. Het zorgde allemaal voor veel wateroverlast, we hebben ook huizen onder water zien staan, dus heel fijn was het vooral voor de bewoners allemaal niet. De boot moest tegen de stroming op en we waren blij dat we niet de jonge kapitein van de heenweg hadden, maar een meer ervaren schipper. Toch was het op een keer wel spannend omdat de stroming van de rivier onze boot richting riet stuurde terwijl wij toch echt de bocht om moesten. Gelukkig was alles prima, en waren we mooi op tijd bij het restaurant waar we met José hadden afgesproken. Tijdens het wachten daar hebben we een bakje koffie genomen, dus die tijd ging redelijk snel om. Nadat José de bagage weer prima op het dak had gebonden konden we weer gaan rijden. Eerst tot aan een lunchplek, een kleine soda met een prima kippensoep. Er zaten twee gepocheerde eieren en flink wat groenten en kip in. Er stond een schaaltje rijst naast, en dat heb ik er in gegooid. Lekker, en de patatjes die ik er bij had besteld waren helemaal niet nodig geweest (maar waren ook zo weer op). Na de lunch een uurtje slapen in de bus, en voor we het wisten waren we in La Fortuna. Daar hebben we eerst gepind (mensen uit de groep dan), en kaartjes gekocht voor de warmwater bronnen van morgen. Daarna nog even naar de supermarkt voor wat snoepen en natuurlijk voor wat drank. Daarna zouden we nog naar de waterval gaan, maar een aantal gingen rechtstreeks naar de Catarata Ecolodge, en dat vond ik ook wel prima. De tijd was te kort om nog op ons gemak te kunnen genieten van de waterval. Ik had niet veel zin om mezelf weer op te jagen. Aangekomen in het hotel heeft Piet nog even meegeholpen met het afladen van de bagage en hebben we ieder twee biertjes gedaan in de hal van het hotel. Daarna zijn we gaan douchen en spullen uitzoeken, voordat we weer terug gingen naar het restaurant voor het eten. Wonderwel had zelfs Piet wel ergens zin in, en omdat het allemaal toch wat langer duurde dan normaal hier in Costa Rica het geval is, at hij zomaar een bord eten leeg. Toen iedereen weg was heb ik nog aan het reisverslag zitten werken, terwijl Piet zo af en toe weg ging omdat er weer een kikkertje of zo gespot was.

Vrijdag 23 november Caño Negro

We hadden de dagexcursie naar Caño Negro geboekt bij het boeken van de reis en dit was de dag waarop het ging gebeuren. We hadden hoop dat het droog zou blijven, maar toen we onderweg gingen was het wel bewolkt. Gaandeweg werd het weer steeds beter, en toen we vlakbij de opstapplaats van de boot kwamen begon zelfs de zon te schijnen. Helaas had ik geen zonnebrand bij me toen Dauren, onze gids, ons vertelde dat het echt beter was om te smeren. Ik heb een beetje voor mijn armen en nek “geleend”. Voordat we naar de boot gingen hebben we een korte stop gemaakt voor koffie, een plaspauze en het ophalen van de lunch. We hadden als groep een boot voor onszelf, en de boot was ruim. We konden allemaal aan “het raampje” zitten, en de boot was ook zo stabiel dat we allemaal aan één kant konden staan als daar iets te zien was. Helemaal prima dus. Toen we gingen draaien om onze tocht te beginnen zagen we al de eerste dieren: een kaaiman in het water en een Jezus Christ hagedis. Die laatste heet zo omdat hij over het water kan lopen, zo snel is hij. We vervolgden de tocht met het bezoek aan een soort arm van de rivier. Daar zagen we al een hoop: kaaimannen, reigers, ibissen, ijsvogels, een roerdomp en alle andere vogels die daar op dat moment zaten. Dauren is een goede gids, hij ziet een hoop. Op een gegeven moment zagen we ook een roze lepelaar landen, die had Dauren in de afgelopen 15 jaar niet gezien, en hij was dan ook helemaal in vervoering. Hij had ook een grote staande verrekijker bij zich. Die zette hij zo neer dat iedereen de lepelaar goed kon bekijken, en hij heeft er voor de mensen met een klein cameraatje een foto door gemaakt. Ook voor mij dus, het kleine ding komt dus weer eens prima van pas. Na al dat moois in de rivierarm zijn we de rivier op gegaan om daar van alles te zien. Ook daar weer veel vogels: slangehalsvogels, ijsvogels reigers zwaluwen.

Maar ook kaaimannen en hagedissen en apen. Toen de gids ergens apen zag zijn we aan land gegaan. Daar zagen we ook een tarantella. Maar in de boom zaten de brulapen, waaronder een gele. Die is alleen maar anders van kleur omdat er in de kleuren iets niet goed is gegaan, ze had ook een gewoon zwart jong bij zich. Ze was moeilijk te fotograferen en filmen omdat ze in het bladerdak verstopt zat. Ook hier konden we weer door de grote kijker van Dauren kijken, en heeft hij twee hele mooie foto’s door de kijker gemaakt. Plassen kon daar ook even, natuurlijk gewoon in de bush, niks toiletten. Verder varend kwamen we natuurlijk ook weer van alles tegen, en op enig moment stopte de boot voor een spin in een web. We hebben daar foto’s van gemaakt. Na het spinnengedoe zijn we op die plek, natuurlijk wel in de boot, gaan lunchen. Heerlijk en ook nog warm. Rijst met kip, salade, aardappelchips en ijsthee. Prima lunch dus. Na de lunch gingen we op de terugweg. Daar kwamen we minder tegen omdat we sneller voeren, we waren namelijk al bijna drie uur onderweg. Maar gelukkig zagen we ook nog kapucijner apen, daar hebben we lang voor “gehangen” en prachtige foto’s en film van kunnen maken. Daarna was het natuurlijk snel over, de schipper wilde ook naar huis. We waren bijna vier uur op het water geweest, hadden veel gezien en dus genoten. Onderweg naar het hotel zijn we gestopt bij de “leguanenbrug”. Daar liggen een aantal grote leguanen, die zich graag op de foto laten zetten, of zich in ieder geval niets van al die mensen aantrekken. Ik heb daar in de supermarkt twee biertjes gekocht voor in de bus. Want we bleven niet bij het restaurantje zitten om iets te drinken, en naar later bleek hadden ze er ook geen alcoholische dranken. En we vonden toch wel dat we iets te vieren hadden na die mooie tocht over de rivier. Na weer een poosje rijden kwamen we terug bij ons hotel, waar we even de tijd hadden om onze zwemspullen te pakken. We gingen namelijk naar de Baldi Hot Springs warm water bronnen. Dat was wel even wat anders dan de bronnen waar we in Indonesië in hadden gelegen. Dit was een heel complex, met glijbanen en een stuk of acht baden met verschillende temperaturen. We begonnen bij de glijbanen, Piet heeft ze alle drie gedaan, maar ik hield het maar bij de twee buitenste. Maar het was er, ondanks dat het erg toeristisch was, erg lekker. Het complex was gedeeltelijk overdekt en voorzien van een aantal zwembadbars. Helaas moest je daar contant afrekenen en dat is lastig als je alleen maar je bikini aan hebt. Toen we wel een beetje uitgeweekt waren zijn we ons gaan aankleden en met de groep naar het restaurant van het complex gegaan. Daar was een zeer uitgereid buffet wat in de toegangsprijs was inbegrepen. Alleen de alcoholische dranken waren niet inbegrepen, en er was al van bekend dat de prijzen daarvan hoog lagen. En dat klopte: we gaven US$11,00 voor twee blikjes bier. Terug gekomen in ons hotel bleek de bar al gesloten te zijn en zijn we dus maar naar de kamer gegaan met twee flesjes cola uit de koelkast.

Zaterdag 24 november naar Rincon de la Vieja (Rinconcito Lodge)

Voordat we weer vertrokken uit deze lodge hebben we nog even kunnen genieten van het uitzicht op de boom waarin veel vogeltjes komen zitten. Dat is niet geheel toevallig, de eigenaar van het hotel hangt de boom vol met halve limoenen, en dat is lekker gemakkelijk voer voor allerlei vogeltjes. We zijn op tijd vertrokken voor onze volgende bestemming. De trip ging om het Arenal meer, mooie uitzichten dus. Net nadat we de lavakant van de vulkaan hadden gezien kwamen we neusbeertjes tegen langs de kant van de weg. Die lieten zich graag fotograferen en filmen, maar waren wel gewoon wild (en nieuwsgierig). Daarna hebben we koffie gedronken en zijn we naar een supermarkt gegaan om boodschappen te doen voor de picknick. Daar kochten we hartige en zoete broodjes, we namen ook nog een bekertje yoghurt mee. Die picknick was niet z’n succes door de vele steekvliegjes die er zaten, maar verder was het lekker. We hebben de lange wandeling gekozen, hoewel er geen plattegrond was. Die was op, en toen heb ik dus maar een foto gemaakt van de plattegrond die als plaatsje op de balie lag. De wandeling was helemaal prima, eerst door een eeuwenoud bos, daar kwamen we al wat rook en modderputten tegen. Het eerste gedeelte was wel steil omhoog, maar dat is een goede training. Op een gegeven moment kwamen we meer uit het bos, en dat leek wel een beetje op Patagonië, veel wind en een open vlakte. Alleen was het hier warmer en waren er bergen die het uitzicht bepaalden en niet de uitgestrekte vlakten. Het was een heerlijke wandeling, hoewel de stoom uit de modderpoelen wel verschrikkelijk naar zwavel stonk. Maar dat hoort erbij en is dan dus ook wel weer leuk.

Toen we aankwamen bij de afgesproken plaats moesten we wachten omdat José er met onze bus nog niet was. Jammer van de van vervelende steekvliegjes, het was er anders prima vertoeven geweest. Toen José er eenmaal was zijn we weer verder op pad gegaan naar onze overnachtingplaats van die dag: Rinconcito lodge. Daar kregen we prima kamers toegewezen, met een eigen terras voor twee geschakelde kamers in een huisje. Ruime kamers en alles werkt. Sawadee heeft het best wel goed voor mekaar. Nadat we de tassen op de kamers hadden gegooid zijn we naar de bar gegaan en hebben we lekker zitten kletsen. Daarna douchen en naar het avondeten, daar was de keuze vis, kip, vlees of vegetarisch. Verder kreeg iedereen een salade als voorgerecht en een klein schaaltje aardbeienmousse als toetje. Bij het hoofdgerecht natuurlijk aardappelen en groenten. Helemaal goed, en heel snel. Maar wat ook fijn was, was dat ze een Chileense chardonnay koud hadden staan. Dus die kwam er lekker bij, en daar hebben we er later in de bar ook nog een paar van genomen. We zijn meteen na het eten naar de bar gegaan omdat het daar het minste waaide. Dat was namelijk wel een nadeel van een lodge zo hoog in de bergen, het waaide er erg hard. Nadat we allebei onze twee wijntjes op hadden wilde Piet nog een colaatje meenemen, maar de koelkast was al op slot en het licht bijna uit. Gelukkig ging de koelkast weer open, dus met de cola kwam het nog goed. Daarmee dus zo rond een uur of tien weer naar de kamer.

Zondag 25 november naar Monteverde / Santa Elena (Park Los Pinos)

We waren natuurlijk weer op tijd wakker, en na een prima ontbijt in een zonnig maar winderig restaurant heb ik de rekening betaald, en daaruit blijkt dat het ook in Costa Rica mogelijk is om een hogere drank- dan maaltijdrekening te hebben. Daarna zijn we nog even naar de kamer gegaan om wat aan het reisverslag te werken. Ik had niet heel veel zin om lang in de wind te blijven zitten en ik liep alweer een paar dagen achter. Dus elke tijd die ik kon gebruiken was meegenomen. Toen wij om kwart over acht naar beneden kwamen (vertrektijd was half negen) stond iedereen al klaar en toen wij er aan kwamen startte José de bus en konden we gaan. Het was een hele reisdag en we hebben dan ook niet veel gedaan. Koffie bij de bakker waar ook de ara’s zitten. Natuurlijk heeft iedereen dat weer volop gefotografeerd en gefilmd. En ondanks dat ze bijna tam zijn omdat ze daar worden gevoerd en er daarom zitten, was het toch wel leuk. Na de cappuccino met chocoladecake zijn we weer verder gegaan en hebben we een mooie rit gemaakt door de bergen. José stopte een aantal keren voor foto’s van het uitzicht, en ook een keer omdat er een grote hagedis op een pad naast de weg zat. Er kwamen er ook nog een aantal uit de boom zakken en dat was ook reden om er nog wat langer te blijven staan.  We zijn in het dorp naar de supermarkt gegaan. Een flinke, met ook flink wat keuze in wijn en bier. We hebben daar voor een paar dagen ingeslagen, rood en wit van Casillero en bier van Imperial. En oh ja, we hebben ook nog wat spullen voor het ontbijt meegenomen.Niet al teveel, je weet maar nooit wat er de volgende dag zou gebeuren. Vervolgens was het zo ongeveer wel heel erg tijd voor de lunch. Die hebben we in een zogenaamde soda gedaan, een eenvoudig restaurant, maar over het algemeen wel heel erg goed. Daarna zijn we naar het hotel gegaan. Het is een lodge met allemaal huisjes met een keuken en een paar slaapkamers. Wij waren ingedeeld met een reisgenote, en dat vonden we prima. Maar toen we in het huisje aankwamen bleek het bed voor de derde persoon gewoon in de keuken te staan, en dat is natuurlijk helemaal niet handig. Toen we samen naar Derk gingen om te zeggen dat dit niet ging werken, en toen hij hoorde hoe het echt in elkaar stak zei hij dat dan één van ons naar een ander huisje moest. Onze reisgenote gunde ons het eigen huisje, en trok bij anderen in. ‘s-Avonds hebben we een nachtwandeling gedaan (nacht = 17.30 starten voor een wandeling van twee uur). Die was best wel interessant, we hebben veel gezien: luiaards, veel slapende vogels, een kikkertje en een giftige slang. Die laatste hebben we bij een tweede bezoek aan een bepaalde plek gezien. Bij het eerste bezoek kon de gids hem niet vinden, maar viel een reisgenoot bijna in het beest. Maar goed dat we dat toen nog niet wisten. We hebben ook nog een rolstaartbeertje in een boom zien wegspringen omdat het beestje schuw is en schrok van het licht van de zaklampen. De gids heeft nog lang geschenen of hij hem nog kon vinden, maar dat is helaas niet meer gelukt. In die zelfde boom zat wel een luiaard, deze keer tweetenig, Die hebben we dan ook maar uitvoerig op de film gezet. Toen we weer terug onderweg waren zagen een paar mensen een grijze vos. In mijn haast om ook dat dier te zien viel ik over een boomstam, en heb ik waarschijnlijk iemand een flinke blauwe plek bezorgd omdat ik me tegen wilde houden. Ik heb de vos niet gezien, maar wel aan het begin van de wandeling een enorm mieren nest. Dat was van bladsnijdermieren die we eerder al in actie hadden gezien. Toen we terug waren hebben we nog even moeten wachten op de andere groep en zijn we richting stadje gegaan met de bus van José, die ons weer kwam ophalen. Na de nachtwandeling zijn Piet en ik lekker samen bij The Treehouse gaan eten.

Dat was prima, behalve dat het restaurant zo goed als leeg was, en stervenskoud. Gelukkig waren er ook plekjes weg van het open gedeelte, en we waren dus al heel snel verkast. Er was ook life muziek, een band waarvan drie mannen samen op één marimba speelden en een andere man de kaasrasp hanteerde. Het was een beetje hard, maar verder wel leuk. Toen we hadden gegeten en naar buiten liepen misten we net de taxi. Die werd voor onze neus weggekaapt, en we besloten dus te gaan lopen. Maar het waaide hard, regende en de weg loopt heel erg steil. Dus toen ik een taxi langs zag komen hield ik die aan, en die bracht ons voor wel US$2 naar de receptie van het hotel. Daar hebben we in ons huisje nog wat gedronken, de foto’s overgezet en wat aan het reisverslag gewerkt. Standaard routine dus. We zijn een beetje op tijd gaan slapen, het is lekker fris hier.

Maandag 26 november Monteverde / Santa Elena

De dag van de spannende dingen zoals de Canopy tour en de Sky Walk bruggen. Maar eerst ontbijt. Het hotel heeft geen restaurant, dus we moeten zelf voor ons ontbijt zorgen. We hadden gisteren al spullen meegenomen uit de supermarkt, maar we moesten natuurlijk ook wel naar de bakker. Die is vlak tegenover de lodge, en we waren dus al snel voorzien van een paar broodjes. Piet heeft lekker thee gezet en een eitje gekookt intussen dat ik onder de douche stond. Na het ontbijt heb ik de zaak opgeruimd. We gingen mooi op tijd weg, en waren na een uurtje bij de balie van Selvatura waar ik even heel snel US$170 lichter werd. Maar dan hadden we ook alles wat ik wilde doen en zien: de Canopy tour, Skywalk, vlindertuin en kolibrietuin.  We begonnen met de Canopy tour.

José was meegegaan, hoewel hij niet hoefde te werken, en hij paste op al onze spullen tijdens de tour. We werden al snel opgehaald om de tuigjes voor de tour aan te (laten) doen. Toen dat klaar was begon het spul, we kregen eerst een instructie op een klein platform waarbij een van de gidsen er ook echt aan ging hangen. Daarna was het onze beurt vanaf het eerste platform. Het was echt leuk, ik was wel blij met mijn extra zekering op mijn borst zodat ik niet zelf mijn lichaam recht hoefde te houden maar gewoon kon gaan hangen. En zo slingerden we van platform naar platform, waarbij ik soms te vroeg remde, maar vaker te laat. Gelukkig hebben ze ook een remsysteem. Sommige kabels waren kort, maar er waren ook een aantal lange. De langste die we gedaan hebben was 650 meter, en dat is best een eind! Net voordat we bij de Tarzansprong waren hoorden we gezaag in het bos en kregen we de melding dat de laatste van een kilometer niet door kon gaan omdat er een boom op de kabel was gevallen. Maar eerst de Tarzan Swing. Die werd door een aantal mensen gedaan, maar ik heb die overgeslagen. Ik zag mezelf al helemaal tegen de kraan te pletter slaan. Piet heeft hem wel gedaan en ik heb hem op de film gezet, dat is ook een belangrijke taak. Omdat de laatste kabel dus niet begaanbaar was door de boom hebben we een stuk moeten lopen door het woud. Dat was erg glibberig, maar met Piet voor me en een gids achter me die me een flink aantal keren aan het tuigje vasthield ging het prima. Toen er weer enigszins sprake was van een weg stond er een busje op ons te wachten op ons terug te brengen naar de ingang van Selvatura. Daar hebben we eerst maar eens koffie en wat te eten (met natuurlijk een biertje erbij). Daarna zijn we naar de kolibrie tuin gegaan. Daar vlogen er aardig wat rond, maar helaas allemaal alleen te filmen met de rode voederpaddenstoelen.

Daarna zijn we de Skywalk gaan doen, het was toch al pestweer en we waren toch al nat. Dat was wel een fantastische wandeling, over prima paden dwars door het oerwoud, maar dan op hoogte. We hebben mooie planten en bloemen gezien, maar weinig dieren. Ten eerste zit je daar natuurlijk te hoog en te ver van huis. Verder was het helemaal top. Na de Skywalk zijn we naar de vlindertuin op zoek gegaan. We hebben het complex bijna helemaal rondgelopen, maar we konden de ingang niet vinden. Terug bij de balie bleek dat het bezoek aan de vlindertuin alleen maar met gids kan. Omdat er zo weinig vlinders in de vlindertuin waren omdat het niet zo warm was mochten we bij de expositie van een insectenverzamelaar langs gaan, hij heeft een fantastische collectie kunnen opbouwen. Dat is ook niet heel raar als je vanaf je vijfde jaar daarmee aan de slag bent. Behalve de hoeveelheid en de goede beschrijvingen was de expositie ook heel erg mooi opgezet, soms leek het wel kunst. Daarna was het tijd om naar het restaurant te gaan voor een biertje, maar omdat ik ging vragen hoe laat de bus zou vertrekken hebben we dat maar niet gedaan. De bus vertrok namelijk een half uurtje eerder, en we waren dus daarom lekker op tijd. Door de bus hebben we ons in het centrum laten afzetten, waar we eerst naar de supermarkt gingen. Pas na de boodschappen zijn we naar het restaurant Morpho’s gegaan waar we heerlijk rustig en lekker hebben gegeten, voorafgegaan door een biertje. We zijn deze keer maar gelijk met een taxi naar huis gegaan en hebben de was bij de receptie opgehaald om vervolgens naar ons eigen huisje te gaan om de tijd te hebben om heel lang aan het reisverslag te werken.

Dinsdag 27 november Monteverde / Santa Elena

We moesten op tijd opstaan voor onze wandeling in het Monteverde park. Maar eerst maar naar de bakker voor het brood. Piet kookte intussen de eieren en zette thee. Toen ik terug kwam was de tafel alweer gedekt. José bracht ons met de bus naar het park, het blijft een schat van een man. Aangekomen bij het park mochten we eerst US$18 per persoon entree betalen en gingen we in groepjes van vijf personen onder leiding van een gids het park in. Nog voordat we door de ingang van het park waren gegaan zagen we een kolibrie op haar nest zitten. De gids zette de kijker op, we konden zo allemaal goed kijken. Hij maakte ook een foto door de lens van de kijker (dat zou hij nog veel meer doen). Nadat de kaartjes waren gecontroleerd door de mevrouw van het loket gingen we op pad. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik er de eerste drie kwartier niet heel veel aan vond. De gids vertelde wel veel over het bos en zo, maar ik was toch meer gekomen voor de dieren. En er kwam wel een groepje parkieten over vliegen, maar die waren ook zo weer weg en heb ik niet eens fatsoenlijk kunnen zien. Maar op een bepaalde plaats aangekomen zijn we een poosje stil blijven staan omdat de quetzal daar vaak zat en gespot werd. Maar hoe we ook zochten, en hoe vaak en goed de gids de roep van de vogel ook nadeed, geen quetzal die zich geroepen voelde om een fotoshoot te willen ondergaan.Toen zijn we maar naar een waterval gelopen, ook leuk, maar niet helemaal wat we hadden verwacht. Op de terugweg zijn we nogmaals langs de avocadobomen gegaan, omdat dat toch echt de enige plek was waar we de beroemde en prachtige vogel konden zien. Onder het lopen kwamen we nog heel wat andere toeristen met gidsen tegen, en deze keer niet alleen van onze eigen groep. Maar ook de drukte in een dergelijk park heeft voordelen: we kwamen een groep tegen die een quetzal hadden gezien, en zeiden dat de vogel erg vast op die plek zat. Wij er dus in rap tempo naar toe. Het was niet moeilijk zoeken naar de plaats waarvan de vogel gespot was, we waren er niet alleen. Er stonden nog een paar groepen met hun gids. Maar drukte of niet: we hebben hem gezien en hij is inderdaad prachtig.  We hebben hem door de kijker kunnen zien, en daardoor ook foto’s en video gemaakt. We kwamen bij het naar de koffie gaan (de tijd was op) ook de anderen uit de groep nog tegen en zijn gezamenlijk nog gaan kijken omdat de gidsen riepen dat er nog wat was. Heel snel ging dat niet, ook al omdat we met zo’n grote groep waren. Helaas was de vogel gevlogen toen wij er aan kwamen en na een poosje wachten werden we nogmaals geroepen en heeft heel de groep de beruchte quetzal gezien. Daarna gingen we toch maar weer terug. Ik heb nog even een filmpje gemaakt van de kolibrie op haar nest, en van een paartje vliegende wandelende takken dat het wel heel erg goed kon vinden met elkaar. We hebben lekker een bakkie koffie gedaan met chocolade cake, en hebben daarna de bus van half twaalf genomen. Die zette ons voor de deur van onze lodge af. Omdat Piet een kunstgalerie in de buurt van het hotel had gezien zijn we nog even gaan lopen om te zien of ze daar ook iets van hout maakten wat wij mooi genoeg zouden vinden om mee naar huis te nemen. Helaas, maar wel een heel mooi schilderij. Als dat bij de kunstuitleen zou hangen zou ik het zo kopen van het geld wat we intussen daar gespaard hebben. Onderweg terug naar het hotel hebben we nog wat foto’s gemaakt van kevers, sprinkhanen en bladsnijmieren. En daarna hebben we “thuis” de foto’s veilig gesteld en een broodje gegeten. Daarna met onze stoelen en een drankje in de zon voor ons huisje. Daar zagen we een eekhoorntje, een specht, en een knaagdier. We zijn gaan lopen naar het dorp, en zijn op zoek gegaan naar het ranario (kikkerhuis). Toen we dat gevonden hadden zijn we gaan eten bij Sabor Tico. Dat was helemaal prima, authentiek Tico eten. Daarna zijn we naar de kikkers gelopen, waar ik voor twee kaartjes US$27 mocht neerleggen, het moest dus wel bijzonder zijn. Inbegrepen in de prijs zat wel een gids, dus wie weet zouden we wel een hoop zien. En dat was ook zo, het hele gebouw was donker, en ook de terraria. De gids (deze keer een dame) scheen in de terraria om de kikkers en padden te vinden en bij te schijnen als wij een foto wilden maken, of wilden filmen. Het was erg leuk, en we hebben natuurlijk de mooiste kikkers gezien. De rood oog die we al eerder overdag hebben gezien was in de avond nog veel mooier, omdat hij dan zijn schutkleuren niet meer hoeft te tonen en voluit kan gaan. Na het bezoek aan de kikkers zijn we toch maar terug gaan lopen. En toen bleek dat de andere weg naar de hoofdstraat een stuk minder steil liep. Die hebben we dus genomen, en toen we eenmaal door hadden dat het ook de weg is die samenkomt was ik gerustgesteld. Na een klein poosje wandelen waren we zomaar ineens bij de lodge. We zijn op tijd naar bed gegaan, morgen weer weg uit ons eigen huisje.

Woensdag 28 november naar San Gerardo de Dota / NP Los Quetzales (Trogon Lodge)

Voor de laatste keer naar de bakker voor een stokbroodje terwijl Piet de eieren kookte en thee zette. Ik zal het missen zo’n rustig ontbijtmomentje. We stapten in de bus voor onze langste reisdag van deze reis. We hebben dan ook niet veel gedaan, behalve in de bus gehangen en onderweg koffie gedronken. Er was een lekkere koffiestop, met heerlijke cappuccino. Verder hebben we geluncht in een tentje onderweg. We hebben een biertje erbij genomen. Dat werd daar kennelijk niet verkocht, maar ze gingen het gelukkig wel in de winkel ernaast halen. Dat is wel eens anders geweest, bijvoorbeeld in Guatemala waar we zelf naar de supermarkt moesten om het vervolgens in onze eigen bar van het hotel op te drinken. De lunch was prima en daarna gingen we weer verder naar onze volgende lodge: de Trogon Lodge. Helemaal niks mis mee, prachtig terrein met veel bloemen en een forellenvijver, mooie kamers met twee in een huisje, geschakeld door badkamer. En een gezellige bar plus een goed restaurant. Na het biertje zijn we naar de kamer gegaan, en daarna naar het restaurant waar we aanschoven bij vijf reisgenoten. Dat was erg gezellig. We namen een wijntje bij het eten, en er was gratis en veilig water en je kon ook een sapje pakken. Het eten was helemaal prima, de wijn ook. Na het eten zijn we nog even de bar in gedoken voor een paar Mojito’s. Piet nam gewoon biertjes, die drukt tenminste de kosten :. Nadat ik de helft van mijn eerste cocktail op had kreeg ik het vermoeden dat de barman de rum was vergeten en ben ik terug gegaan. Hij deed niet moeilijk en vulde mijn glas heel erg goed aan met rum. Toen ik de tweede bestelde zei ik dan ook gekscherend dat ik hem deze keer met rum wilde. En dat kwam dus goed. Tussen het drinken door hebben we wat foto’s van een reisgenoot bekeken en een beetje zitten buurten met hem en Derk. Maar om negen uur ging de TV in de bar hard aan ten teken dat we eigenlijk moesten verdwijnen. Na het leegdrinken van ons glaasje zijn we dus maar naar onze kamer gegaan. Daar aangekomen vond Piet een balletje op het dekbed, en zag ik ineens een bult onder datzelfde dekbed. Bleken ze een warme kruik aan allebei onze kanten neergelegd te hebben, heel attent. Maar ik realiseerde me dan ook meteen dat er niets achter slot en grendel zat en dat goed opbergen toch in het vervolg beter zou zijn, hoewel je mag verwachten van een dergelijk hotel dat de medewerkers van je spullen afblijven. Nadat Piet nog een Bacardi had gedronken zijn we gaan slapen, morgen om half zes het bed uit voor de excursie die naar betere foto’s van de Splendid Quetzal zou moeten leiden.

Donderdag 29 november naar Vergel de Punta Mala / NP Marino Ballena (Riotico Safarilodge)

We waren met een groepje van tien personen uit ons hotel voor de excursie. Onder leiding van een gids zijn we een stukje de weg af gelopen en daar hebben we, gewoon op de weg, anderhalf uur staan wachten op de Quetzal. Het enige wat we gezien hebben was een vrouwtje, diep verscholen in een boom en bijna niet te zien door haar groene schutkleur. En we waren niet eens de enige groep, op een gegeven moment stonden we wel met vijftig mensen te staren naar iets wat er niet was en ook niet zou komen. Net voordat we het om half acht wilden opgeven zag Piet een kleurige vogel in een boom, dat bleek het mannetje te zijn. Hij liet het aan een gids zien, en die beaamde dat het de mannelijke variant was. Maar voordat iemand anders het ook maar had kunnen zien was hij alweer weg.

Een grote soft dus, behalve dat het wilde beesten zijn die zich niet laten zien als ze dat niet willen, was het een lachertje dat je op tien minuten van het hotel gewoon op de weg moest kijken naar een boom. Zonde van het geld, het was toch US$15 per persoon. Terug in het hotel zijn we eerst gaan ontbijten, dat was dan weer wel prima. Er stond zelfs een meneer eitjes voor ons te bakken, helemaal goed. Om negen uur brachten we de tassen naar de bus, José zat al op ons te wachten. We hebben met z’n allen nog wat rondgelummeld in de tuin, ik heb de rekening betaald en Piet heeft nog wat filmpjes geschoten van de kolibries in de tuin. Onderweg zijn we nog even bij het tuintje van Miss Miriam gestopt zodat Derk nog even kon controleren of er misschien daar een quetzal zat, maar helaas. Dan maar door tot aan de lunch. Die hebben we gedaan in een restaurant met een mooi uitzicht over de bergen. Het eten was er prima, Piet had een lekkere vissoep en ik rijst met zeevruchten. Na de lunch zijn we verder gegaan en hebben we alleen nog maar even aangelegd voor boodschappen bij een supermarkt. Daar hebben we, behalve een flesje wijn ook nog broodjes en fruit gekocht voor die avond. We hadden geen zin om weer uit te gaan eten, zeker ook omdat de lodge erg ver van de stad ligt en we dus niet zelf kunnen gaan. Rond half vier kwamen we aan bij onze lodge RioTico. Het is een lodge op vijf kilometer van de weg af, en voorzien van safaritenten met complete badkamers. Het is een fantastisch mooi aangelegen lodge, bij een rivier met zoals gezegd luxe tenten en een gezellige bar/ontbijtruimte. We hebben onze spullen naar beneden gebracht en zijn eigenlijk niet meer naar boven gegaan. Behalve om negen uur voor een paar colaatjes voor in de rum. Op ons eigen terras hebben we een fles rode wijn, de broodjes uit de supermarkt en een halve zak chips met een baco weggewerkt. Toen we terug kwamen waren reisgenoten op zoek naar kikkers en zo en hadden ze net een grote krekel op onze hangmat gevonden. Die hebben we dan ook maar even op de foto gezet.. Na twee bacootjes zijn we naar bed gegaan om bijna gelijk in slaap te vallen bij de nachtgeluiden van de Costaricaanse jungle.

Vrijdag 30 november Vergel de Punta Mala (NP Marino Ballena)

Na een heerlijk warme douche (kamperen is afzien) en het genot van een overheerlijk ontbijt zijn we met de bus naar het strand van Uvita gegaan waar we door de branding in een speedboot stapten. We gingen op zoek naar walvissen. De gids was een jonge dame die het overduidelijk niet leuk vond, maar toch iets moest doen voor de kost. Boeit niet, daar kwamen we ook helemaal niet voor. Al na een klein poosje varen kwamen we bij een groep dolfijnen, daar hebben we bijna een uur bij rondgehangen. Ze lieten zich weliswaar wel zien, maar fotograferen en filmen was door de deining al helemaal zo goed als onmogelijk. Veel verder terug naar de kust, en dus een heel eind achter ons waren ze aan het springen. Dat was erg leuk om te zien maar veel te ver weg om er iets mee te doen op foto of film.

Na een uurtje vroeg de gids of we nog wilden blijven, en toen wij zeiden dat we nu toch liever voor de walvissen gingen vertelde ze dat die zich erg voor ons aan het verstoppen waren. We zagen dus de bui al weer hangen en het is ook uitgekomen: geen walvissen. Maar we zijn wel langs rotsen met een pelikaankolonie gevaren, langs een strand waar schildpadden aan wal kwamen om te eten (maar die waren er ook niet) en langs een rots waarop fregatvogels hun thuisbasis hadden. Dat was allemaal wel leuk om te zien, en ook de rotsen die door de zee waren uitgesleten tot grotten. Maar het was allemaal niet waarvoor we er waren, helaas kun je de natuur niet dwingen. Dat maakten we heel de vakantie al mee als het ging over het weer, gisteren met de quetzal die we niet hebben gezien en vandaag weer met die walvissen. Tekenend voor ons dat we het dan toch naar onze zin hebben, je moet er tenslotte ook zelf het beste van maken. Terug aan de wal werden we door José weer opgehaald en ging de groep uit elkaar in een deel dat ging eten en een deel dat daar geen zin in had. Dat laatste deel was in de meerderheid, we zijn er kennelijk allemaal een beetje klaar mee om drie keer per dag uitgebreid te eten. Nadat iedereen klaar was met zijn of haar ding zijn we met de bus terug gegaan naar de ingang van het bospad naar de lodge waar een wisseltruck gebeurde: Kees de eigenaar van de lodge had vier mensen bij zich die gingen kayakken en die stapten in de bus in om verder met de rest van de groep te gaan. Wij met nog twee reisgenoten stapten bij Kees in en werden keurig terug gebracht naar de lodge. Daar hebben we lekker een sandwich gegeten. Daarna zijn we in het jungle over de rivier gaan wandelen over het pad van de buurvrouw van de lodge. We hebben maar een klein stukje gelopen omdat we geen DEET bij ons hadden en kapot gestoken werden in onze korte broeken. Maar voordat we daar echt last van kregen zagen we een kleine groep kapucijner apen. Mooi om ze zo te zien in hun eigen omgeving. Een ervan sprong van boom naar boom, maar helaas heb ik dat niet kunnen filmen. Je volgt ze dan een poosje met de camera en net als je hem hebt uitgezet gaan ze leuke dingen doen zoals naar een andere boom springen. Jammer, maar wel gezien. Op het eerste stukje zag Piet ook een klein bruin kikkertje op een bruin blad. Even een paar foto’s gemaakt, maar toen ik wilde filmen was hij al weg. Hoe Piet het voor elkaar krijgt dit soort dingen te zien snap ik nog steeds niet, maar het zullen wel zijn scherpe ogen zijn. En een havik kwamen we op de weg terug nog tegen. Helaas konden we die ook niet op de film of foto zetten omdat hij snel weg was toen we dichterbij kwamen. Terug in de lodge zijn we met een wijntje in de bar gaan zitten en heb ik wat aan het reisverslag gewerkt. Toen de rest van de groep terug kwam van het kayakken heeft Rik mijn notebook nog even gebruikt om de filmpjes van de canopy tour en de kayak tocht te bekijken. Na de borrel zijn we naar onze eigen tent gegaan, hebben we de foto’s overgezet en zijn we eerst maar eens een uurtje gaan slapen. Toen de wekker afliep zijn we eerst maar gaan eten. Ik had stokbrood met blikjes tonijn in groenten en haring in tomatensaus gekocht. Was best lekker, maar wel een beetje aantobben zo zonder messen en vorken en zo. Volgende keer gewoon weer kant en klare broodjes van de bakker. Die van de dag ervoor met kip en ananas waren helemaal prima. Na het eten moesten we eerst maar eens aan de slag met het splitsen van de bagage , alles kon niet mee naar het Osa schiereiland (Corcovado). Dat kostte enige kracht, maar toen dat eenmaal was gelukt was het tijd voor een flesje wijn op ons platje.

Zaterdag 1 december naar Corcovado (Lodge Poor Man’s Paradise)

We konden weer uitslapen, we zouden pas om negen uur vertrekken voor de boottocht naar het Osa schiereiland voor ons bezoek aan NP Corcovado. Toen iedereen weer had ontbeten en de rekening had betaald zijn we op pad gegaan. We hebben eerst een stuk met onze eigen bus gereden naar de opstapplaats voor de boor naar Corcovado, het meest “ruige” deel van deze vakantie. Daar hebben we eerst een sapje genomen omdat de boot er nog niet klaar voor was. In het souvenir winkeltje bij de opstapplaats hingen ook maskers, en die waren helemaal niet zo duur. Ik kon ze mee krijgen voor US$65, maar helaas was de enige die we echt mooi vonden gelijmd omdat hij bij de kin was afgebroken. En dat doen we natuurlijk niet, we zouden er ook steeds op zitten te kijken. En dan is het evengoed nog teveel geld. Net toen we instapten begon het(natuurlijk)te regenen. We waren dan ook in no time doorweekt. Toch voelde het niet onaangenaam toen het droog werd en de zon begon te schijnen. En doordat er een beetje wilde zee was leek het wel op een kermisattractie. Eigenlijk was het dus best leuk, behalve het deel met de regen. Maar een aantal oudere reisgenoten hadden het niet breed.

Aangekomen op het strand van Corcovado moesten we met een wetlanding uit de boot, en vervolgens nog bijna een half uur over het strand lopen voordat we bij de lodge waren.  Dat laatste was al aangekondigd, en daar hadden we dus rekening mee gehouden. Toen we aankwamen bij de lodge kwam Derk vragen of wij een matrimonial beneden wilde of dos caranes boven. Was wel grappig, want sommigen hadden geen idee waarover het ging en vroeg dus of wij iets bijzonders hadden geboekt. Maar ik snapte het meteen en zei dat ik wel graag het tweepersoons bed beneden wilde. Dit had natuurlijk alles te maken met onze voorkeur voor twee bedden en dat Derk wist dat boven lastig was. Hij gaf ons de keuze. We kregen eerst de lunch, die was prima. Daarna gingen we naar onze kamers, wij hadden de eerste cabine van het deel aan het strand. We hadden een beetje uitzicht op zee, door de bomen heen. Prima dus, hoewel we wel steeds over een stukje strand moesten en dan dus smerige voeten kregen. Maar we hadden een eigen kraan buiten, een eigen platje met twee stoeltjes, een tafel en een hangmat. Wat wil een mens meer? Na de installatie in ons eigen huisje zijn we even naar boven gelopen, om te kijken hoe de anderen er bij zaten. Derk en een stelletje zaten helemaal bovenin en hadden een prachtig uitzicht. Maar ik was blij dat we daar niet zaten. Het was wel erg ver naar boven, en bovendien ‘s-avonds stikkedonker. Toen we de rondgang hadden gedaan zijn we in de bar een biertje gaan doen, maar heel gezellig is het er niet. Dan maar eten en vroeg op onze eigen platje een colaatje met de zelf meegebrachte Bacardi. Was uiteraard gezellig, maar we hebben het niet te laat gemaakt, de volgende dag moesten we om kwart voor vijf op.

Zondag 2 december Corcovado / La Sirena

Om half zes deden we ontbijt en om zes uur zijn we op pad gegaan. Eerst maar een stukje lopen naar de boot waar we weer via de branding in moesten. Maar gelukkig was het droog, zijn we ook droog gebleven en scheen de zon. Aangekomen bij de landingsplaats konden we onze wandelschoenen aan doen, en de Teva’s op het strand bij de koelbox laten liggen. Samuel, onze gids, legde eerst even uit wat de bedoeling was. Daarna gingen we snel op pad, we hadden nog heel wat voor de boeg. Al heel snel zagen we een andere groep die stil stond om naar zwijnen te kijken. Dat hebben wij natuurlijk ook een poosje gedaan voordat we weer verder liepen. Daarna kwamen we best veel beesten tegen: apen (natuurlijk), toekans, een specht en een hoop andere vogels. Soms was het lastig lopen, en was het aardig glibberig, omlaag en omhoog klimmen en schuiven, maar conditioneel ging het prima. Ik ben op het hele stuk niet echt heel vermoeid geweest. Dat is thuis als we 20 kilometer wandelen wel eens anders. Natuurlijk heeft het vele stoppen er ook wel mee te maken, maar het voelt wel goed. Bij het onderzoeksstation La Sirena hebben we onze lunch opgegeten. Bij die plek zagen we ook de “huis” leguaan. We hadden van het hotel allemaal een lunchpakketje meegekregen. We hadden allebei gekozen voor de tonijn sandwich, en die was prima. Een stuk zoete ananas erbij, een pakje koekjes en een pakje appelsap maakte het compleet.  Na onze lunch zijn we verder gaan lopen, nu langs het strand op zoek naar tapirs. Onze gids ging steeds kijken, en vond er na even zoek twee die in een poeltje lagen te chillen.

Het is voor die beesten tenslotte ook warm. Ze lagen er prima bij, zo half in het water. We mochten er met twee personen tegelijk bij, om ze niet te erg te verstoren. Maar ze trokken zich dan ook helemaal niets van ons aan. Tapirs zijn best schuw, en het was dan ook bijzonder dat ze zo rustig bleven liggen. Nadat we ze op de film en foto hadden gezet zijn wij snel weer terug gegaan om de anderen ook de gelegenheid te geven om ze te bekijken. Toen iedereen aan de beurt was geweest zijn we verder langs het strand gaan wandelen naar de rivier Las Sirenas (de zeemeerminnen). Vaak lagen daar krokodillen, helaas toen niet. We zijn terug gelopen naar de boot via het strand, dat was redelijk warm. We waren dan ook erg blij met de koelbox met ijsthee en water (hoewel een koud biertje ook wel lekker was geweest). Gelukkig waren onze Teva’s er ook nog en we deden onze zware schoenen uit. Piet heeft ze gelijk maar even schoongemaakt, ze zaten flink onder de modder. De terugreis met de boot ging ook weer prima, we hadden lekker weer en dan is een boottochtje niet verkeerd. Aangekomen in de lodge was de bar nog niet open, dus ik ging naar het restaurant om te vragen of ze hem wilden openen. Het antwoord was dat het nog 15 of 50 minuten zou duren (was mij niet helemaal duidelijk). Dat kon natuurlijk niet, we waren allemaal dorstig. Toen ik dat zei ging ze dan toch maar de baas halen, en dat heeft hem geen windeieren gelegd. In no time hadden we ieder drie flesjes bier op. Na de biertjes zijn we gaan douchen, koud maar toch wel lekker omdat het zo warm was. We zijn weer om zeven uur gaan eten. Het eten is niet heel veel bijzonders, en eigenlijk te duur voor wat we krijgen. Natuurlijk is het wel een afgelegen locatie, maar dit voelt niet in verhouding. Na het eten wilden we weer een colaatje meenemen voor bij de Bacardi, maar die was er niet.

Maandag 3 december Corcovado

Deze dag gingen we even niet meer met de excursie. We waren ook niet de enigen, er bleven er meer “thuis”. Het had de afgelopen nacht flink geregend, dus het was ook helemaal niet erg dat we niet weer gingen wandelen. Maar natuurlijk waren we weer vroeg op, we gaan hier ook redelijk vroeg naar bed, dus de nachten zijn lang genoeg. We hebben lekker op ons gemak ontbeten, waarbij ik natuurlijk weer de Costaricaanse versie met rijst met bonen en een gebakken eitje met toast. Piet nam lekker een ontbijtje met een gekookt eitje, dus ook helemaal goed. En hoewel het eten hier duur is, is het ontbijt prima. Na het eten zijn we gaan wandelen over het strand naar de plek waar je mooi zou kunnen snorkelen. Voordat we daar waren kwamen we langs het Turtle Rescue Center, maar daar liepen een paar honden te blaffen. We liepen dus maar gewoon door na een kijkje genomen te hebben op de plek waar de eieren neergelegd waren achter een omheining. Toch kregen we daar even later spijt van en zijn we terug gelopen. Toen zagen we net de honden met twee mensen weglopen, en dat waren nu net de mensen die we wilden vragen of er misschien die avond nog eieren zouden uitkomen. We zijn daar dus blijven wachten, in de tussentijd hebben we lekker in de oceaan gezwommen. Dat was lang geleden, maar was wel weer eens heerlijk. Toen er een paar ara’s kwamen overvliegen is Piet die gaan filmen, en al heel snel kwamen de mensen van het center weer terug. Ik ben toen gaan vragen of er wat stond te gebeuren en we hebben heel plezierig staan praten met de twee vrijwilligers. Een jongeman uit Californie die er al vijf maanden rond liep, en een jongedame uit Duitsland die er drie weken zou blijven. De jongen vertelde ons van alles over de schildpadden, en zei dat er misschien deze avond, of de volgende wel iets zou gebeuren in het nest van de lederschildpadden. Daar zat namelijk al een gat in, ten teken dat eronder wat rommelde. Hij vertelde ook dat de kleine schildpadjes zouden wachten tot alle eieren uitgekomen waren voordat ze zichzelf zouden uitgraven. We besloten om die avond voor het eten nog even terug te gaan, wie weet hadden we geluk. Na ons gesprek zijn we door gaan lopen naar het snorkelstrand. Dat duurde ook nogal lang omdat we een wasbeertje tegen kwamen die ook wel leuk op de film zou zijn. Piet heeft in de oceaan bij het strandje wat rond gesnorkeld terwijl ik op de spullen paste. Na het snorkelen zijn we voor de lunch terug gegaan naar de lodge. Onderweg zagen we mensen bij een Jan van Gent zitten die een poosje aan het uitrusten was op een aangespoelde boomstam. Het beest bleef rustig zitten terwijl iedereen hem aan het filmen en fotograferen was. Hij zal vast ziek of gewoon bekaf geweest zijn. De lunch was goed genoeg om gevuld te raken. We hadden besloten om maar niet meer terug te gaan, ondanks dat ik zelf niet gesnorkeld had. Maakte niet uit, ik liep aardig achter met het reisverslag, dus ik kon de extra tijd prima gebruiken. Helaas was er geen elektriciteit en is de accu van de notebook zo slecht dat je daar niet langer dan een klein uurtje mee kunt werken. Dan toch maar weer terug naar het strand voor een tweede poging om te snorkelen. Dat heb ik even gedaan, maar de stroming was te sterk. Ik heb wel wat visjes gezien, en Piet een zeeslang, maar heel bijzonder was het niet. Toen zag Piet kapucijner aapjes in de bomen en is hij verder foto’s gaan maken en heb ik nog wat gefilmd. Ik hield er redelijk snel mee op omdat ik geen zin had om zonder accu te zitten als we die avond wel geluk zouden hebben met de schildpadeieren. Uiteindelijk zijn we maar weer terug gelopen, we hebben dus wel onze oefening gehad: twee maal een half uur heen en een half uur terug door het zand met een klein stukje pad tussen de bomen.  Terug in de lodge namen we natuurlijk eerst een biertje, en daarna zijn we naar ons huisje gegaan om de lampjes te halen. We gingen namelijk nog even terug naar het rescue center om te kijken of daar wat gebeurde. Het werd intussen al aardig donker, maar het ging verder prima. Toen we daar zaten te wachten op de jongeman die de eieren zou komen controleren kwamen er ook wat Tico’s uit het hotel wat daarachter lag, een van hen ging de vrijwilliger roepen. Die was er al snel en toen hij het nest controleerde bleek het nog niet zover te zijn. Maar omdat hij niet wilde dat we voor niets waren gekomen ging hij de omheining in en haalde hij een van de schildpadjes die al uitgekomen waren uit het nest om het te laten zien. Ze zijn echt heel erg lief en bewegelijk. Toch moest deze terug om te wachten op zijn broertjes en zusjes, en nadat de vrijwilliger het had teruggezet gooide hij weer zand over het nest zodat ze gelijktijdig eruit zouden kruipen om zo het natuurlijke proces niet te verstoren. Toen hij ons vroeg of we het leuk zouden vinden om ook mee te lopen om het nest op het strand te controleren hebben we dat natuurlijk gedaan. Onderweg kregen we nog meer informatie over wat er allemaal met de schildpadden en hun eieren gebeurde. Maar ook bij het nest op het strand was nog even niets te verwachten, dus we liepen maar weer terug naar de lodge nadat we die knul bedankt hadden. Intussen was het aardedonker geworden, en dan heb je aan de koplampjes die we hebben ook niet heel veel. Na het eten gingen we op tijd slapen, ik kon toch niets meer doen aan het reisverslag omdat we geen stopcontact hadden in ons huisje. Het was dus weliswaar idyllisch, maar ook onpraktisch.

Dinsdag 4 december naar Manuel Antonio (Hotel Los Almendros)

Om zeven uur moesten de tassen buiten liggen, daarna ontbijt en zo snel mogelijk op de boot naar Sierpe. Daar zou José met de bus weer voor ons klaar staan. Maar eerst natuurlijk weer naar de opstapplaats van de boot. De boottocht zelf was een heel stuk plezieriger dan op de heenreis, de zon scheen en de oceaan was een stuk rustiger. Omdat het hoog water was zijn we ook een heel stuk door de mangroven gevaren, dat was erg mooi om te zien (en bovendien voor de schipper ook een stuk korter). We waren dus relatief snel bij de “haven” van Sierpe. Daar moesten we nog even wachten, deze keer met een colaatje omdat de elektriciteit het weer eens had begeven en er dus geen milkshakes gemaakt konden worden. José was er redelijk snel, dus na het opladen van de bagage gingen we weer op pad. Eenmaal op pad zagen we weer een auto staan in de berm, er stak weer een luiaard over. We hebben er wat foto’s en film van gemaakt, en toen nam de gids van de andere auto het beestje bij zijn nekvel en zette hem aan de andere kant in de berm weer neer. Ik gaf Piet mijn videocamera en die heeft fantastische opnamen gemaakt toen de luiaard naar boven in de berm kroop en zo de boom in.

Piet lag op de grond, en het beestje kroop bijna in de cameralens.  Na deze heel plezierige onderbreking waren we na totaal ongeveer twee uur in Quepos waar we nog even wat inkopen konden doen en we wat rond gelopen hebben. We hebben er ook een souvenirwinkel gevonden die mooie maskers had, dus misschien zouden we hier wel slagen. We besloten om de volgende dag even terug te gaan, dat was prima te doen met de openbare bus. Na de boodschappen reden we de zeven kilometer door naar Manuel Antonio, onze laatste stop voordat we weer naar Nederland zouden gaan. Het dorp stelt helemaal niks voor, er zijn een paar souvenirswinkeltjes met alleen maar prulspul, één hele supermarkt en een flink aantal hotels en restaurants. Het is een echt stranddorp. De eerste middag hebben we een beetje rond gehangen, biertje gedaan en samen bij een restaurant vlakbij het hotel gegeten. Het eten (en de drankjes) waren prima, en we namen er zelfs nog een toetje bij. Ik had een heerlijke kokosflan en Piet een ijsje. Toen we klaar waren met eten (en dat gaat hier allemaal wel heel snel) zijn we terug gegaan naar ons eigen hotel om daar aan het reisverslag te werken in het restaurant. Toen we net zaten kwamen ze zeggen dat we gerust mochten blijven zitten, maar ze gingen wel sluiten. De nachtwaker zou de lampen wel uit doen :. Het blijft een raar land waar alles om half tien helemaal donker is. We zijn maar op tijd naar de kamer gegaan, zo gezellig was het niet in het lege restaurant en bovendien was er ook niets meer te krijgen.

Woensdag 5 december Manuel Antonio

Omdat er in het dorp niets te beleven was hadden we besloten om toch maar het park in te gaan, hoewel we eerder hadden bedacht dat we daar geen zin meer in hadden. We zijn eerst gaan ontbijten bij restaurant Relax dat bij het hostel Costa Linda hoort. We hadden namelijk van reisgenoten gehoord dat het er prima en niet duur was. En dat klopte allebei: we hadden een big breakfast voor 2000 colones. Dat betekende een bord fruit met een pannenkoek en een bord met roerei, brood, en rijst met bonen. Prima ontbijt dus! Daarna zijn we naar het park gelopen, waarvoor we een toegangsbewijs bij de daarbij gelegen bank moesten kopen. Het eerste stuk in het park was een soort weg (onverhard) en daar was niet veel aan. We hadden het idee dat we niet veel zouden zien, maar al snel zagen we drie wasbeertjes oversteken en zich in een beekje gaan wassen. Leuk om te zien, dus dat hadden we in ieder geval. Een stuk verder kozen we een trail naar het strand waar ook onderweg een luiaard zagen.

Aangekomen bij het strandje zagen we dat mensen uit onze groep opnamen aan het maken was van wasbeertjes die in het zand aan het graven waren. Dat hebben wij natuurlijk ook gedaan. Toen wees iemand mij op een paar leguanen, ook mooi om te zien en te filmen.  Maar helaas bleef ik daar een beetje te lang hangen, hopende dat die beesten gingen bewegen. In de tussentijd had namelijk één van de wasberen gevonden waar ze naar op zoek waren: schildpadeieren. Hij was ze aan het eten, en ik hoorde later dat er ook al echte schildpadjes in zaten en dat het dus een bloederig en zielig geheel was geweest. Ik heb nog net een stukje kunnen filmen dat hij een eierschaal leeg likte. Na dit alles zijn we het schiereiland rond gelopen. Daar zijn echte paden aangelegd, jammer genoeg loopt het heel erg heuvelachtig. Maar aan de andere kant is dat ook wel weer lekker trainen voor volgend jaar. Piet dacht dat hij tijdens die wandeling een gordeldier zag, en volgens zijn beschrijving zal dat ook wel. Ik heb het beest niet gezien, voordat ik er was, was het alweer verdwenen. Verder hebben we niet veel gezien behalve een aantal mooie uitzichtpunten. Toen we verder liepen en weer op een strandje kwamen zaten daar kapucijner apen en ook weer een wasbeertje. Beide altijd leuk om op de film en foto te zetten, we hebben straks een hele natuurfilm. We zijn verder gaan lopen, en hebben de trail Mirador gelopen. Die was wat lastiger omdat het pad glibberig was en omhoog liep. Maar ook leuk om te doen. Op de heenweg naar boven stonden er twee meisjes een klein vogeltje te zoeken in de struiken: de Longtail Hermit, een soort kolibrie. Uiteindelijk hebben ze het vogeltje ook gevonden en aan ons laten zien. Het was ver weg, maar op de film is het best aardig. We liepen verder en kwamen ook nog aapjes en leguanen tegen, de beestenboel bleef maar langskomen. Maar ook de uitzichten waren fantastisch, de trail heet natuurlijk niet voor niets Mirador. Een inspannende paar kilometers, maar heel erg leuk om te doen. Op de terugweg hebben we ook nog een keer het kleine vogeltje gezien. Na dit alles zijn we op ons gemak terug gelopen naar ons hotel, om andere schoenen aan te trekken en extra geld mee te nemen. Voordat we in de bus stapten hebben we bij restaurant Relax garnalen en calamari gegeten, natuurlijk vergezeld van een biertje. Na het eten zijn we naar de bushalte gelopen en al snel daarna kwam de openbare bus. Voor wel 250 colones per persoon werden we naar Quepos gebracht. Daar hebben we eerst wat rondgelopen om nog meer winkels te zoeken, maar er was er geen die mooie maskers had. Nadat ik een ijsje had gegeten (gewoon op straat lopend), en ik een tube anti-jeuk gel had gekocht bij een drogisterij zijn we naar de winkel waar ze wel maskers hadden gegaan, maar we hebben er daar toch maar geen gekocht. Er was namelijk voor ons maar keuze uit één, en dat is wel heel weinig. Daarom zijn we maar terug gegaan naar ons eigen dorp en hotel. Onderweg namen we bij Relax nog een cocktailtje, de Mojito’s zijn wel erg lekker. Terug in het hotel heb ik wat gerommeld en het praatje voor Derk voor die avond voorbereid. We hebben het afscheidsdiner samen met de groep gedaan, bij restaurant El Avion. Na het diner gingen we met het grootste gedeelte van de groep naar de Relax bar voor een cocktail. Terug in de kamer zijn we maar gaan slapen, morgen tijd genoeg om de tassen te pakken.

Donderdag 6 december naar San José

We hebben de wekker niet laten aflopen, we hadden tenslotte tijd genoeg en de volgende nacht zou een stuk korter zijn i.v.m. de vroege vlucht naar Houston. We zijn weer bij Relax gaan ontbijten, dat was tenslotte prima. Na het ontbijt zijn we toch nog even het dorp in gelopen, ik moest toch ook nog een sleutelhanger hebben. Dat is daar niet gelukt en verder hebben we alleen maar bij het hotel gehangen in afwachting van ons vertrek. Eenmaal onderweg zijn we gestopt bij een brug waaronder veel krokodillen liggen, echt grote jongens. Ze blijven daar omdat ze daar beschermd worden, en ook wel eens wat gevoerd worden. We hebben in het restaurantje daar ook nog koffie gedronken. We waren mooi op tijd bij het hotel. Daar aangekomen hebben we de tassen op de kamer gegooid en afscheid genomen van de groep van vijf reisgenoten die een verlenging hadden. Die hoefden de volgende dag namelijk niet zo vroeg op en die zouden we dan ook niet meer zien. Toen we aan wilde lopen naar de taxistandplaats (of bushalte, net wat eerder was) vroeg onze chauffeur José of we met hem mee wilden rijden, hij ging toch naar het centrum om zijn vriendin en zoon op te halen. Dat aanbod namen we graag aan, en zo zaten we al heel snel na onze aankomst in San José in een privébus op weg naar Galería Namu om een mooi masker uit te gaan zoeken. Onderweg lopend naar de galerie zagen we een aantal winkels waar ook maskers te koop waren, dus het zou wel goed komen.  Toen we de galerie gevonden hadden zijn we meteen naar binnen gegaan, waar we hartelijk werden ontvangen door de Ierse eigenaresse. Zij vertelde ons over de oorsprong van de maskers, liet ons een video filmpje zien en gaf ons ruim de gelegenheid om te kiezen uit de verschillende soorten. Toen we niet konden kiezen uit de laatste drie legde ze een zwarte doek neer en vroeg haar medewerker om de drie maskers voor ons van de wand en voor het raam weg te halen. Zo konden we ze naast elkaar zien en was de keuze relatief snel gemaakt. We wilden er geen met dieren of al te felle kleuren omdat die te bepalend zouden zijn. Hoewel er ook wel heel mooie met dieren bij waren kozen we toch voor een meer gematigd masker in kleur en afbeelding. Maar het bleef wel een diablo, dat was tenslotte de soort waarvoor we in eerste instantie waren gegaan en die we thuis al als grondvorm hadden gekozen. Toen de medewerker van de winkel het masker voor vervoer inpakte liet de eigenaresse ons nog andere dingen zien, vooral kleine dingen die uit macadamia noot waren gemaakt. Hoe mooi die dingen ook waren, die hebben we maar laten liggen. Piet zag nog wel een sleutelhanger voor mij, dus die heb ik ook maar meegenomen. Ik was tenslotte nog niet voor iets aan mijn rugzakje geslaagd. Nadat we afgerekend hadden, en gezien hadden dat de medewerker het masker prima voor vervoer had ingepakt zijn we verder gegaan. We hebben nog een beetje door de stad geslenterd, en nog wat foto’s gemaakt van een kerk. Daarna zijn we samen gaan eten bij La Esquina de Buenos Aires, een Argentijns restaurant in het centrum van San José. Niet heel goedkoop, maar met biefstukken die hemels waren, een goede wijnkaart en zeer vriendelijke en gastvrije service. Na het eten zijn we met een taxi naar het hotel terug gegaan, maar hebben we ons door de taxi laten afzetten bij de kroeg waar we op de eerste avond van de vakantie ook al een biertje hadden gedaan. Bier was voor mij geen optie meer, ik nam een Bacardi cola. Piet nam wel een biertje in de hectiek (het was er heel erg druk). Daarna zijn we op ons gemak, met masker natuurlijk, naar ons hotel gelopen en hebben we snel onze spullen gepakt om daarna nog een paar uurtjes te kunnen slapen.

Vrijdag 7 december naar huis

Om vijf uur werden we gewekt, we moesten op tijd naar het vliegveld. De tassen lagen al heel snel in de bus en uitgezwaaid door Derk en een reisgenote (die had haar wandelschoenen de dag er voor in de bus laten staan, dus moest verplicht vroeg op) gingen we op pad voor het laatste stukje in Costa Rica. Aangekomen bij het vliegveld ging het allemaal best soepel, eerst natuurlijk de vertrekbelasting betalen. Het blijft vreemd dat je moet betalen om een land uit te mogen, maar het is niet anders. Op de luchthaven hebben we nog een klein ontbijtje genomen, maar dat was niet veel bijzonders. We hadden niet voldoende colones meer, maar ook hier kun je gelukkig betalen met US$ en in een combinatie van die twee, dus ik kwam van mijn colones af en hoefde er nog maar een paar US$ bij te leggen. Al redelijk snel konden we, na natuurlijk weer een belachelijke controle omdat we naar Amerika vlogen, boarden. We zaten achter elkaar, maar dat was niet zo’n probleem. We hadden op de lange vlucht twee stoelen naast elkaar in een tweezits bankje. Nu zaten we allebei aan het gangpad en dat is ook fijn. Na een rustige vlucht kwamen we aan op Houston International Airport. We mochten weer een controle doen, en ook hier ging het weer nergens over. We waren niet eens van het vliegveld af geweest en kwamen rechtstreeks uit het vliegtuig naar de controle voor de intercontinentale vlucht naar Amsterdam. Achter de controle zijn we (weer) bij Cat Cora’s Kitchen gaan zitten voor een biertje en deze keer ook wat te eten. Was prima, maar eigenlijk was het broodje warm vlees bij een soort La Place op de heenweg lekkerder. De biertjes waren prima! Maar om heel de tijd daar te blijven zitten was ook niet zo’n goed idee, dus we zijn naar de gate gegaan en daar heb ik nog een uurtje aan het reisverslag zitten werken. Eenmaal in het vliegtuig zaten we prima en was het de rit uitzitten. Ik heb bijna niet geslapen, Piet helemaal niet. Dat heb je als je overdag vliegt, maar het zou de volgende dag wel gaan opbreken. Voor ons gevoel om 01.00 uur, maar op de Nederlandse klok om 08.00 uur landen we op Schiphol. Toen we onze bagage van de band haalden bleek het slotje van de transporthoes van Piet eraf te zijn. In de tas zat een briefje van de Amerikaanse douane dat ze de tas hadden gecontroleerd. Daar hebben ze volgens de wet recht toe, en als er dan wat kapot gaat is het “Sorry, maar helaas”. Na de bagage checken hebben we natuurlijk afscheid genomen van onze reisgenoten, en zijn we met de trein naar huis gegaan. Dat ging allemaal heel soepel, het was we even schrikken want er lag sneeuw! Aangekomen in Den Bosch stond de bus al op ons te wachten, dus dat was ook prima.

De vakantie zat er op! Het was mooi geweest, in alle opzichten! Op naar de trainingskampen voor de Inca Trail van 2013.